Een plan om de openbare ruimte in de gemeente Groningen veiliger te maken voor vrouwen kan in de gemeenteraad rekenen op veel enthousiasme. Alle partijen zien de zorgen en de grote opgave die er ligt. Wel vinden verschillende fracties dat er bij dit onderwerp niet alléén naar vrouwen gekeken moet worden.
“Het was in de jaren tachtig”, vertelt Evelien Benabela van de Partij voor het Noorden. “Mijn moeder deed in die tijd verwoede pogingen om het fietspad vlak bij ons huis veiliger te maken. Ze sprak toen onder andere met een ambtenaar. Ondanks dat zelfs deze ambtenaar aangaf er zelf ook niet graag langs te fietsen, gebeurde er lange tijd niets. Als klein meisje mocht ik daar van mijn moeder dan ook absoluut niet komen. Tegenwoordig is het gelukkig een veilig fietspad, maar ik hoop wel dat het met dit nieuwe voorstel allemaal wat sneller gaat.”
Ronde pilaren
Het voorstel waar Benabela op doelt is een zogeheten initiatiefvoorstel. In de gemeenteraad hebben raadsleden de mogelijkheid om zelf met concrete plannen te komen. Bij dit onderwerp hebben de fracties van D66, ChristenUnie, Student & Stad en de Partij voor het Noorden samen de handschoen opgepakt om de leefomgeving in de gemeente vrouwvriendelijker te maken. Het idee is om de openbare ruimte her in te richten vanuit het perspectief van de vrouw en om bij toekomstige nieuwbouwprojecten standaard rekening te houden met dit aspect. Heel concreet betekent dit: kiezen voor ronde in plaats van vierkante pilaren in parkeergarages (zodat er geen ‘hoekjes’ zijn om achter te schuilen), doeltreffende verlichting langs de fietspaden naar de dorpen, en het betrekken van vrouwen binnen commissies om bouwplannen te toetsen op sociale veiligheid.
Uit landelijke cijfers blijkt dat maar liefst 61 procent van de jonge vrouwen tussen de 12 en 25 jaar zich regelmatig onveilig voelt op straat. In stedelijke gebieden zoals Groningen krijgt zelfs drie op de vier vrouwen te maken met straatintimidatie. De recente demonstraties in de stad, zoals de Heksennacht en ‘Wij eisen de nacht op’, hebben volgens de initiatiefnemers wel bewezen dat de maat vol is.
In de gemeente lopen al verschillende projecten om de veiligheid te vergroten, zoals de ‘Aanpak Gangen en Stegen’ en het ‘Actieplan Veilig Uitgaan’. Volgens de initiatiefnemers ontbreekt binnen deze plannen echter nog een specifieke vrouwelijke blik. Daarnaast stoppen deze projecten vaak bij de Diepenring, terwijl de onveiligheid juist ook sterk gevoeld wordt op de lange, donkere terugfietsroutes richting Meerstad, Ten Boer, Hoogkerk en Glimmen.
Raadslid Andrea Poelstra van D66: “Steden worden van oudsher ingericht vanuit het perspectief van de man, terwijl vrouwen heel anders naar de openbare ruimte kijken. Waar mannen verticaal verlichte fietspaden vaak prima vinden, hebben vrouwen behoefte aan horizontale verlichting, zodat ook de bosjes en velden naast het pad zichtbaar zijn. Ook vierkante pilaren in parkeergarages of blinde muren in stegen zorgen voor angst. Ronde pilaren en betere zichtlijnen lossen dit op.”
Locatie delen op de fiets
De fracties van Volt en de Partij voor de Dieren lieten beide weten blij te zijn dat dit onderwerp op de agenda staat. Linda Wijnalda-Dussel van de Partij voor de Dieren: “De nieuwe raadsperiode is nog maar net begonnen en nu mogen we al zo’n belangrijk onderwerp bespreken. Wat er in het voorstel staat, is voor mij heel herkenbaar. In mijn eigen vriendenkring merk ik dat we elkaar standaard een berichtje sturen als we weer veilig thuis zijn. En als ik straks vanuit het Stadhuis naar huis fiets, zet ik mijn live-locatie aan zodat mijn vrienden kunnen zien waar ik ben.”
Toch had Wijnalda-Dussel een aantal aandachtspunten. Zo vindt zij het cruciaal dat queer personen en andere gemarginaliseerde groepen expliciet worden meegenomen, omdat zij tegen dezelfde problemen aanlopen. Wat betreft het aanbrengen van extra verlichting waarschuwde haar fractie voor de impact op de natuur: “Lichtvervuiling is funest voor dieren. Het plaatsen van verlichting is goed, maar laten we wel goed nadenken over hoe en waar. We hoeven bijvoorbeeld niet het hele Stadspark te verlichten.”
Cassandra Hensen van de VVD reageerde daar kritisch op: “Als we fietsroutes veiliger kunnen maken met meer verlichting en minder groen, waardoor de zichtlijnen verbeteren, dan moet de veiligheid van de burger toch leidend zijn?” Wijnalda-Dussel repliceerde: “We moeten dit integraal bekijken. Dieren zijn net zo belangrijk. Het moet ook veilig zijn voor hen.” De Partij voor de Dieren gaf verder mee dat ‘actieve straten’ met gezellige verlichting en reuring ook effectief zijn.
Breder dan alleen vrouwen
Stephanie Bennett, raadslid voor PRO, toonde zich content met de ‘systeemvraag’ die in het voorstel doorklinkt: hoe richten we de omgeving veiliger in voor iedereen die zich kwetsbaar voelt? “Voor veel mensen is het geen vanzelfsprekendheid om zich onbezorgd van A naar B te verplaatsen. Een gelijkwaardige samenleving begint met een gelijkwaardige inrichting. Voor ons gaat dit voorstel over gelijkwaardigheid en emancipatie.”
Bennett miste in het voorstel wel de aandacht voor mensen die slecht ter been zijn: “Is het voor hen wel veilig? Kunnen zij snel vluchten wanneer dat moet? Wat we daarnaast willen benoemen, is dat de inrichting van de openbare ruimte slechts één van de pijlers is. Veiligheid zit ook in collectieve normering, voorlichting en een stevige aanpak van huiselijk geweld. Want het overgrote deel van het geweld tegen vrouwen vindt nog altijd plaats achter de eigen voordeur.”
De SP sloot zich aan bij de wens om ook andere gemarginaliseerde groepen te betrekken, maar plaatste een kritische kanttekening bij de voorgestelde adviesraad. Iris Volders (SP): “Zo’n raad is een mooi middel, maar de mensen die zich hiervoor aanmelden zijn vaak al de meer zelfredzame, hoogopgeleide inwoners die hier de tijd en energie voor hebben. Wat je eigenlijk wilt, is dat de gemeente zelf actief de wijken in gaat om mensen op te zoeken, in plaats van af te wachten wie er komt opdagen.”
Ook bij het CDA klonk enthousiasme. Jint Hoeksema deelde een persoonlijke ervaring: “Afgelopen zaterdag fietste ik door het Stadspark en kwam ik een meisje van een jaar of 19 tegen dat constant angstig achterom keek. Ik fietste in eerste instantie door, maar het zat me niet lekker. Ik ben teruggefietst en ben met haar meegelopen naar het Hoofdstation; ze bleek zich doodop te voelen. Dit verhaal is helaas niet uniek. Vrouwen hebben hier dagelijks mee te maken. Wij zijn dan ook zeer positief over dit voorstel, met name om pilots te starten en dit te verankeren in structureel beleid.”
Fietspaden naar de dorpen
Waar stopt die veiligheid? In ieder geval niet bij de Diepenring, als het aan de Stadspartij 100% voor Groningen ligt. Ruben Klunder: “Als mijn vriendin op stap gaat, maak ik me altijd een beetje zorgen op het moment dat ze naar huis fietst. Vaak hebben we dan telefonisch contact of fiets ik haar tegemoet. Daarom willen wij benadrukken dat dit ook over de dorpen moet gaan. Je moet ook veilig naar Meerstad, Hoogkerk of Ten Boer kunnen fietsen. Daarnaast denken wij dat het goed zou zijn om jongeren een actieve rol te geven bij het inrichten van de gemeente.”
De PVV gooide het debat over een heel andere boeg en wil voornamelijk inzetten op de daders. Kelly Blauw: “Wij willen dat de veiligheid op straat verbetert, maar dat doe je door harder op te treden: een lik-op-stukbeleid, meer politie, zero-tolerance en betere verlichting. De harde werkelijkheid wordt in dit voorstel niet benoemd: het probleem zit hem in het straatgeweld waar nu te weinig consequenties tegenover staan. Wie zijn er verantwoordelijk? Dat probleem moet je in de kern aanpakken.”
Robin Twickler van Volt zag daar weinig in. “Elke expert die zegt dat er ‘meer ogen op straat’ moeten komen, bedoelt daarmee niet méér politie. Uniformen op straat versterken het veiligheidsgevoel niet per se. Ik moet denken aan Schiphol waar de Marechaussee met geweren patrouilleert; ik voel me daar echt niet veiliger door. Wat wél helpt, zijn veel burgers op straat: een gezellige stad met horeca, terrassen en reuring. Dat zorgt voor sociale controle.” Wel waarschuwde Volt dat de specifieke stem van de vrouw niet mag verwateren als er te veel andere doelgroepen aan de overlegtafels worden toegevoegd.
Lange adem
Wethouder Rik van Niejenhuis (PRO) van Wonen temperde de verwachtingen over snelle aanpassingen, aangezien stadsontwikkeling een vak van de lange adem is. “De inrichting van een stad verandert niet van vandaag op morgen. Toch is er de afgelopen decennia veel verbeterd. Toen ik mijn planologische opleiding volgde, was dat echt een mannenbolwerk. Dat is inmiddels veranderd en dat zie je terug in de huidige ontwerpen.”
Van Niejenhuis noemde specifieke knelpunten in de stad die momenteel als onveilig worden ervaren, zoals het Noorderstation en park Selwerd: “Het is heel goed om de gebruikers van deze gebieden erbij te betrekken. De vraag is wel hoe we hen het beste kunnen bereiken.” Bij compleet nieuwe wijken wordt er volgens de wethouder al vanaf de eerste schets rekening gehouden met sociale veiligheid, zoals bij de zuidzijde van het Hoofdstation. “Nu het nieuwe muziekcentrum daar niet doorgaat, ligt er een grote uitdaging: hoe zorgen we daar voor een levendig stationsgebied met genoeg ‘eyes on the street’, waar mensen ook ’s avonds veilig op de bus kunnen wachten?”
Daarnaast wees hij op ongezellige, ongemengde gebieden zoals de Peizerweg en de Sint Petersburgweg. “Dat zijn bedrijventerreinen die overdag intensief worden gebruikt, maar waar ’s avonds geen kip op straat is. Dat willen we veranderen, maar dat kost tijd. Ondertussen kunnen we daar wel direct kijken naar snelle maatregelen op het gebied van verlichting.”
Bizar dat het nodig is
D66-raadslid Andrea Poelstra, de hoofdidienster van het plan, toonde zich na afloop geëmotioneerd en dankbaar voor de brede steun: “Er ligt een gigantische maatschappelijke opdracht. Het is bezopen dat we de straat op moeten om te strijden voor zoiets basaals als veiligheid. Dat er gisteravond in de stad een Heksennacht moest plaatsvinden, bewijst hoe bizar het is dat dit anno nu nog steeds nodig is.”
Poelstra benadrukte dat er wat haar betreft geen tegenstelling hoeft te zijn tussen natuur en veiligheid: “Slimme verlichting hoeft niet ten koste te gaan van de biodiversiteit.” Wel nam ze de kritiek uit de raad direct ter harte: “De suggestie om ook andere kwetsbare doelgroepen op te nemen in de klankbordgroep vinden we een hele waardevolle toevoeging. Ook het punt van de SP om zelf actief de wijken in te gaan om deze mensen op te zoeken, nemen we over.”
De geopperde wijzigingen en aanscherpingen worden de komende dagen verwerkt in de definitieve versie van het initiatiefvoorstel. Volgende week stemt de Groningse gemeenteraad definitief over het plan. Gezien het massale enthousiasme lijkt een ruime meerderheid al zo goed als zeker.