Muziek maken op straat gaat in Groningen vermoedelijk meer ruimte krijgen. Tijdens een bespreking in de gemeenteraad bleek er afgelopen week brede steun te zijn om de strenge regels los te laten. Zo wordt serieus gekeken naar het verruimen van de ’15-minutenregel’ naar dertig minuten en gaat er gekeken worden of elk evenement wel een evenement is waardoor orkesten en koren meer ruimte zouden krijgen.
“Het was een hele bijzondere avond”, vertelt Ruud de Vries van Muziek Organisatie Noord. MON beschikt over een groot aantal faciliteiten waar bands, orkesten en koren kunnen repeteren en optreden. Daarnaast is De Vries zelf ook actief in een band. “Normaal hebben we op woensdagavond altijd onze repetitieavond, maar we zeiden tegen elkaar: dit is een belangrijk en interessant onderwerp, hier moeten we bij zijn.”
De Vries: “Het onderwerp werd in ongeveer 45 minuten behandeld en in die drie kwartier gebeurde er heel veel. Elke partij doet zijn zegje, waar vervolgens ook weer op geïnterrumpeerd werd, waardoor het soms lastig te volgen was.”
“Een aantal fracties had hele sterke bijdragen: Student & Stad, D66, maar zeker ook Stadspartij 100% voor Groningen, die goed hun best hadden gedaan om zich in te lezen in het onderwerp en ook met concrete voorstellen kwamen. De samenvatting zoals ik die op heb getekend is dat de burgemeester welwillend staat tegenover straatmuziek, dat er niet strikt gehandhaafd wordt op de 15 minuten, dat er in de raad draagvlak is om dit te verruimen naar 30 minuten en dat de burgemeester alles duidelijker wil maken in de communicatie. Want hoe lang is een straatmuziekvergunning nu precies geldig? Niemand die het precies weet.”
Orkesten en muzikanten vinden regels te streng
Het onderwerp kwam een jaar geleden op de radar van OOG. Verschillende orkesten, koren en individuele muzikanten lieten toen weten de huidige regels te streng te vinden. Bij dit onderwerp spelen twee vergunningen een hoofdrol: de straatmuziekvergunning en de evenementenvergunning. Om als straatmuzikant op te mogen treden, moet je aan zeven voorwaarden voldoen.
De vergunning kost zo’n 60 euro en is bestemd voor individuele muzikanten (zoals gitaar of viool). De regels zijn strikt: na vijftien minuten moet de muzikant van plek wisselen. De limiet van een kwartier wordt internationaal als uniek beschouwd: geïnterviewden gaven aan zich niet te kunnen herinneren elders zo’n korte limiet gezien te hebben.
Daarnaast zijn verschillende locaties, zoals het Martinikerkhof en de in- en uitgangen van gebouwen, verboden terrein. Ook is het niet toegestaan om geluidsversterkende apparatuur te gebruiken en gelden er strikte tijdstippen.
Ben je een orkest, harmonie of koor, dan heb je voor een optreden een evenementenvergunning nodig. Deze moet minimaal acht weken van tevoren worden aangevraagd, waarbij de kosten, afhankelijk van het aantal te verwachten bezoekers, kunnen oplopen tot enkele honderden euro’s. Is het op die bewuste dag bijvoorbeeld slecht weer, dan kan de vergunning niet worden ingewisseld.
Tekst gaat verder onder de video:
Politiek debat
De fractie van Student & Stad maakte het onderwerp zo’n acht maanden geleden politiek. Raadslid Wieke van Heteren: “Afgelopen voorjaar heeft ons voormalige raadslid Olivier van Schagen schriftelijke vragen gesteld over dit onderwerp waarbij er werd gevraagd naar versoepeling. Het antwoord daarop was dat er eigenlijk niets kon. Na de zomervakantie zijn we als fractie het onderwerp gaan agenderen, waarbij we vooral benieuwd waren welke andere partijen we mee zouden krijgen.”
Van Heteren: “Wat uiteindelijk heel erg heeft geholpen is een beeldvormende sessie. We hebben gekeken naar andere Nederlandse steden, maar ook naar Dublin en Melbourne hoe zij het geregeld hebben. En dan blijkt dat het in andere internationale steden toch wel anders geregeld is. Dit bood perspectief. Uiteindelijk was ik afgelopen week behoorlijk verrast door de positieve opstelling van andere partijen, maar ook door de positieve houding van het college. Ben ik dan helemaal tevreden? Nee. Door de beperkte spreektijd kon ik lang niet alles vertellen. Ik had bijvoorbeeld ook graag willen vertellen dat muziek op straat een rol kan spelen in een leefbare en veiligere stad en dat je doet aan talentontwikkeling. Al die domeinen zijn nu onderbelicht gebleven.”
Over wat er de komende weken gaat gebeuren, is Van Heteren duidelijk: “Er zijn door de burgemeester toezeggingen gedaan. Samen met D66 en VVD, met wie we dit debat geagendeerd hebben, willen we kijken wat er nu precies is toegezegd. Zijn die toezeggingen stapjes in de richting van andere steden? En zijn die toezeggingen voldoende of moeten we dat met moties extra duidelijk maken? En hebben we ook alles goed geïnterpreteerd? Als het gaat om koren en orkesten, meen ik gehoord te hebben dat zij, wat de burgemeester betreft, niet altijd een evenementenvergunning nodig hebben. De burgemeester zei: ‘We moeten niet alles zien als een evenement.’ Voor een orkest zou dat heel veel rompslomp en financiële kosten schelen. Maar is dat ook wat de burgemeester precies bedoelde?”
Tekst gaat verder onder de foto’s:


Angst voor overlast
Een zorg die een aantal keren werd benoemd is de angst voor overlast. Van Heteren: “We moeten geen beren op de weg zien die er niet zijn. Je ziet het in Dublin ook heel goed gaan. Dat kunnen we hier ook opzetten, waarbij we natuurlijk altijd alert moeten zijn dat het niet uit de klauwen loopt.”
Ook benoemt Student & Stad punten die door andere partijen werden ingebracht: “Stadspartij 100% voor Groningen benoemde de mogelijkheid om conservatoriumstudenten met korting aan een straatmuziekvergunning te helpen. Ik denk dat dit heel mooi zou zijn. Ik zou ook heel graag met het conservatorium en met muziekscholen in gesprek willen over de perspectieven die zij zien. Al met al ben ik heel tevreden over deze stappen en we blijven hier intensief mee bezig.”
De Vries ziet eveneens veel mogelijkheden voor de toekomst: “Tijdens de vergadering onderschreef iedereen het belang van een levendige stad met welwillendheid richting straatmuziek. Ik denk dat het een hele mooie kans zou zijn als er een projectgroep gestart gaat worden waarin je met muzikanten, de gemeente en de Groningen City Club spelregels gaat maken. Je kunt hier ook Noorderpoort en de Hanze bij betrekken, die over muziekopleidingen en een conservatorium beschikken.”
Ook MON kan hierin een rol krijgen. Het MON werkt al met het Fonds voor Beginnende Bands, waarbij muzikanten een duwtje in de rug krijgen. Onderdeel van dat traject is een optreden op een podium, maar dat zou ook op straat kunnen. De Vries: “Wel moeten we ons realiseren dat muziek maken op straat heel moeilijk is. Als je in een studio een mispeer maakt, doe je het opnieuw. Gaat het op straat mis, dan loopt je publiek verder. Dan ben je de mensen kwijt. Op straat leg je je hele ziel bloot. Aan de andere kant: je doet hier zoveel ervaring mee op. En als het lukt, als het virus je weet te grijpen, dan kunnen er hele mooie dingen ontstaan.”
De Vries vervolgt: “Wat in andere steden kan, dat kan hier ook. Video’s van optredens die viraal gaan op sociale media. Straatmuzikanten die fans krijgen in andere landen. Mensen die speciaal naar Groningen reizen om hun artiesten te zien en te horen, die hier overnachten en op terrasjes wat eten en drinken. Uiteindelijk, en dat kost absoluut tijd, kan het ook geld opleveren. Het kan een handelsmerk worden. Wat dat betreft ben ik een groot voorstander van het Dublin-model.”
Dublin
De vergelijking met Dublin is treffend. In Groningen zijn indertijd de regels voor muziek op straat strenger geworden vanwege overlast. Die problemen hebben ze in Dublin ook gekend: door het ontbreken van regelgeving ontstonden er conflicten tussen de buskers, zoals de Ierse straatmuzikanten worden genoemd. Er werd gestreden om locaties, waarbij muzikanten vervolgens niet van hun plek wilden wijken. “Er was sprake van conflicten, pest- en intimidatietechnieken tussen muzikanten en er werd overlast ervaren. In die periode ontvingen we wel twintig klachten per dag”, vertelt gemeentewoordvoerder Michael Ryan van de gemeente Dublin.
Ondanks de problemen vond de gemeenteraad in Dublin dat straatmuziek ‘kleur en levendigheid’ toevoegt aan het straatbeeld. Ze zochten naar een oplossing, wat in 2015 leidde tot de invoering van de ‘Bye-laws’. Het model werd niet achter een bureau op het stadhuis bedacht, maar kwam samen met straatartiesten, bewoners van het stadscentrum en ondernemers tot stand.
Elke artiest vraagt nu jaarlijks een vergunning aan die dertig euro kost. Speel je versterkt, dan kost dit zestig euro extra. Er zijn speciale buskingspots ingericht, in de hele stad geldt een geluidslimiet van 80 decibel, en op elke plek mag je maximaal twee uur staan (behalve op Grafton Street, waar een limiet geldt van zestig minuten). Zeven handhavers van de gemeente leiden alles in goede banen. Het beleid is een succes: het aantal klachten is afgenomen naar één of twee per dag, terwijl er dagelijks duizenden mensen passeren op de drukste plekken.
De regels in Dublin zijn voor iedereen hetzelfde, waardoor ook een orkest op straat mag optreden. “Een orkest heeft dezelfde vergunning nodig als een straatmuzikant. Maar er geldt wel een uitzondering waarbij we bepaalde groepen vrijstellen. Als je een optreden geeft voor het goede doel, heb je geen vergunning nodig”, aldus Ryan.
Sean Leahy, eigenaar van het platform Dublin City Today dat filmpjes maakt van de buskers: “De overlast is sindsdien afgenomen en er is een gedeelde verantwoordelijkheid ontstaan. Deze werkwijze heeft ervoor gezorgd dat de groep buskers een community is geworden die van elkaar leert. Het gaat zo goed dat er bezoekers van over de hele wereld naar Dublin komen voor de muziek.”
Kansen
Toch heeft De Vries ook nog wel bedenkingen: “In de gemeenteraad is er momenteel geen steun om versterkt op te treden. Dat begrijp ik. Je kunt hier ook rustig mee aan de slag gaan: eerst wat regels versoepelen en als dat goed gaat, kijken naar een volgende stap. Aan de andere kant: tijdens het debat werd het draaiorgel benoemd. Een versterkte elektrische gitaar kan niet op tegen het volume van een draaiorgel. En waar niet aan gedacht wordt, is de crossover-mogelijkheid. Een draaiorgel kan van alles spelen, ook klassiek. Je kunt dat in combinatie doen met een koor. Er zijn zulke mooie mogelijkheden te bedenken, waardoor ik echt wil pleiten voor het opzetten van een projectgroep. Ik bied ook aan om daar vrijwillig een rol in te nemen, want ik zie hier hele mooie kansen.”
De mogelijkheid om orkesten en koren onder een straatmuziekvergunning te laten vallen, zou volgens De Vries een enorme stap vooruit zijn: “Als zij nu willen optreden, hebben ze een evenementenvergunning nodig die weken van tevoren aangevraagd moet worden, alleen op een specifieke dag geldig is en veel geld kost. Een straatmuziekvergunning zou daarin veel meer ruimte geven. Groningen noemt zichzelf een muziekstad. Mochten we op dit vlak stappen gaan zetten, dan zie ik het heel positief in. Ik denk dat er prachtige kansen zijn die de veiligheid, leefbaarheid en economie van Groningen veel kunnen brengen. Maar we zijn er nog niet.”