De Groningse gemeenteraad ziet niets in een referendum over de extra kapitaalverstrekking van 36,5 miljoen euro aan publiek warmtebedrijf WarmteStad. Een motie van de PVV die daartoe oproep werd afgelopen week met een ruime meerderheid (39 tegen 3 stemmen) weggestemd. Hoewel een meerderheid van de raad instemt met de miljoeneninjectie, groeit bij verschillende partijen de zorg over de financiële risico’s voor de gemeente en daarmee de portemonnee van de inwoners.
WarmteStad is het publieke warmtebedrijf in de gemeente dat huizen en gebouwen voorziet van duurzame verwarming en warm water. Sinds de start zijn er inmiddels bijna 10.000 aansluitingen gerealiseerd in wijken als Paddepoel, Selwerd en Vinkhuizen. Om de volgende stappen te zetten, waaronder de afronding van Noordwest fase 1b en de opschaling van projecten in Stadshavens en de Suikerzijde, vroeg het college om een extra kapitaalinbreng van 36,5 miljoen euro aan eigen vermogen.
Daarnaast vroeg de wethouder om 24 miljoen euro aan gemeentelijke garanties en een verruiming van 17 miljoen euro aan tijdelijke leningsfaciliteiten. In totaal gaat het om een risicoverruiming van 77,5 miljoen euro, wat ook direct impact heeft op de gemeentebudgets: de solvabiliteit van Groningen daalt door de verstrekkingen en de gemeente moet 16,1 miljoen euro extra reserveren in haar weerstandsvermogen.
Twee moties van de PVV weggestemd
Die financiële last vinden meerdere partijen te zwaar. De PVV, VVD en Stadspartij 100% voor Groningen spraken hun zorgen uit over de risico’s voor de belastingbetaler.
“Vandaag wordt ons gevraagd om 36,5 miljoen euro beschikbaar te stellen”, trapte Kelly Blauw (PVV) af. “Een enorme investering met financiële risico’s die uiteindelijk bij de belastingbetaler terechtkomen. Wat gebeurt er bij tegenvallers? Hoeveel verlies accepteren we nog?” De PVV diende twee moties in: eentje om een referendum te organiseren en als alternatief de eis dat WarmteStad voor inwoners ‘nooit duurder mag zijn dan gas’. Beide moties werden weggestemd (het referendum strandde op 39 tegen 3 stemmen; de motie over de tarieven kreeg 6 stemmen voor).
Ook Yaneth Menger (Stadspartij) sprak haar zorgen uit over de betaalbaarheid voor inwoners die volledig afhankelijk zijn van één warmteleverancier. “Dan kunnen we wel zeggen dat de tarieven onder het wettelijk maximum liggen, maar de vraag is of onze inwoners echt goedkoper af zijn.”
D66 en VVD: zorgen en private investeerders
D66, dat uiteindelijk wel voor het raadsvoorstel stemde, gaf aan met een “knoop in de maag” te zitten. Vincent Boswijk noemde het project eerder al een rijdende trein dat niet meer te stoppen is: “Waar we het nu over hebben is het sluitstuk van deze fase van WarmteStad. Daarom stemmen we nu voor. Maar bij volgende fases willen we meer grip en een harde koppeling met andere projecten binnen de Strategische Investerings Agenda.”
De VVD deelde de financiële zorgen en diende een motie in om ruimte te maken voor private investeerders, zodat het risico niet volledig bij de gemeente als enige aandeelhouder komt te liggen. “WarmteStad zal voorlopig geen zwarte cijfers draaien; er zal altijd geld bij moeten”, aldus Fokke Veenstra.
Die motie haalde het overigens niet (11 voor, 31 tegen). Partijen als Volt en de ChristenUnie wezen de inbreng van private partijen juist van de hand. “Het doel van WarmteStad blijft om warmte bij mensen thuis te krijgen zonder winst te maken”, beargumenteerde Robin Twickler (Volt). Rosalie van der Heide (ChristenUnie) voegde daaraan toe: “Het toelaten van private investeerders gaat gepaard met risico’s, waardoor het uiteindelijk minder betaalbaar wordt voor onze inwoners. Wij vinden het behoud van een publiek net heel belangrijk.”
Wethouder Molema: “Gemeenten kijken jaloers naar ons”
Wethouder Manouska Molema (PRO) verdedigde het miljoenenvoorstel en ontraadde alle ingediende moties. Volgens haar bewijst WarmteStad juist dat een publiek warmtenet werkt in tijden van geopolitieke onrust.
“Als college zijn we trots op wat we met WarmteStad doen”, vertelt wethouder Molema. “We zijn één van de weinige gemeenten in Nederland dat dit volledig in publieke handen heeft. We hebben goede tarieven en een net waar je letterlijk langs kunt fietsen. In ons land zijn er meer gemeenten die het op papier hebben, of daarvoor met private partijen werken waardoor de tarieven veel hoger zijn. Men komt bij ons in Groningen kijken hoe wij het hier doen. We zijn een visitekaartje.”
Hoewel Molema erkende dat het “geen makkelijke opgave” is om als koploper de financiering rond te krijgen en tegelijkertijd scherpe tarieven te handhaven, noemde ze het referendum onterecht omdat het project al lang en breed loopt en de gemeenteraad hierover in het verleden al bewuste besluiten nam. Ook het verzoek van de VVD wees ze af. Eerder is de gemeente namelijk al gaan samenwerken met een andere partij. Door nu met andere partijen verder te gaan, zou niet chique en professioneel zijn.