Alfa-college voorzichtig optimistisch nu geld Nedersaksenlijn blijft staan: “Blij dat het project niet ontspoord is”

nieuws
Foto: Andor Heij Arriva trein in Zuidbroek.

Het Alfa-college is voorzichtig optimistisch nu de plannen voor de Nedersaksenlijn definitief door lijken te gaan. Volgens bestuurder Wim Moes kan het kabinet ook niet anders, zo laat hij weten in het OOG-radioprogramma ‘Goedemorgen Groningen’: “Niet investeren in deze spoorlijn tast de leefbaarheid aan en brengt onderwijsvoorzieningen op steeds grotere afstand.”

Wim, de afgelopen tijd is er veel te doen geweest over de Nedersaksenlijn. Het kabinet heeft na een herijking besloten om de 2 miljard euro voor dit project ongemoeid te laten. Ben je blij?
“We steken in ieder geval nog niet de vlag uit, maar we zijn erg blij dat het project niet ontspoord is.”

In Groningen loopt het aantal geboortes terug. Welke invloed heeft deze krimp op het mbo-onderwijs?
“Bij de bekostiging van onze opleidingen kijken we altijd naar de relatie tussen het aantal studenten en onze inkomsten. Als het aantal studenten afneemt, en dat gebeurt er als er minder kinderen geboren worden, nemen ook de inkomsten af. Dan komt de vraag op tafel hoeveel opleidingen je als instelling in de lucht kunt houden. Elke opleiding kost immers geld. Neem bijvoorbeeld een techniekopleiding: of daar nou één of tien studenten zitten, je hebt dure apparatuur nodig om goed onderwijs te geven. Bij een lage studenteninstroom wordt zo’n opleiding erg moeilijk betaalbaar.”

Welke rol speelt de Nedersaksenlijn in dit verhaal?
“Door een rechtstreekse trein te laten rijden van Groningen via Veendam en Stadskanaal naar Emmen richting Enschede, wordt de bereikbaarheid in de hele regio vergroot. Door nog beter samen te werken met andere mbo-instellingen in de regio kunnen we het totale aanbod aan opleidingen op peil houden. Het zou wel kunnen dat er op sommige locaties minder opleidingen worden aangeboden, maar dankzij de Nedersaksenlijn wordt het voor studenten heel makkelijk om snel ergens te komen waar de opleiding wel zit.”

Hoe groot is de kans dat er daadwerkelijk opleidingen gaan verdwijnen?
“Het aantal opleidingen dat tot nu toe is verdwenen is nog beperkt. Maar als mbo-instellingen werken we met langetermijnprognoses. Iemand die nu 15 jaar is, is over vijf jaar 20. In die leeftijdsgroep zien we een duidelijke daling. Juist daarom is de Nedersaksenlijn zo belangrijk. Als we naar de kaart kijken, zien we dat veel onderwijslocaties langs het spoor liggen. Als die trein rijdt, neemt de relatieve reistijd tussen locaties enorm af en houden we de keuzevrijheid voor studenten in stand.”

De Nedersaksenlijn is niet de enige spoorontwikkeling. Ook het geplande station bij de Suikerzijde biedt kansen, toch?
“Op De Suikerzijde wordt gebouwd aan een nieuwe woonwijk met zo’n 5.500 woningen. De wijk krijgt een eigen treinstation waar 100 miljoen euro voor is gereserveerd. Als het goed is, gaan de deuren daarvan in 2034 open. Wij denken er serieus over na om op die plek een gezamenlijke techniekcampus te realiseren, samen met andere mbo-instellingen. Voor de Nedersaksenlijn is dat specifieke station niet direct noodzakelijk, maar het versterkt elkaar wel enorm. Door onderwijslocaties vlak bij een station te bouwen, verklein je de afstand voor studenten. Studenten uit Veendam of Stadskanaal zouden door de faciliteiten makkelijker op de Suikerzijde kunnen komen.”

Hoe essentieel is het uiteindelijk dat deze spoorplannen echt uitgevoerd worden?
“Je zult wel moeten. Als je de leefbaarheid in de regio op peil wilt houden, moet je blijven investeren in openbaar vervoer. Met een goede treinverbinding zorg je ervoor dat de regio bereikbaar blijft. We hebben de afgelopen decennia al gezien dat winkels en bibliotheken uit dorpen verdwenen. Als je nu ook het openbaar vervoer gaat afslanken, zet je de leefbaarheid zwaar onder druk. Het wordt dan voor inwoners én voor studenten veel moeilijker om hun doelen te bereiken.”

Beluister hieronder het radio-interview met Wim Moes van het Alfa-college:

Verslaggever Johannes Rienks maakte twee weken geleden een reportage over het onderwerp: