De Tweede Kamer heeft dinsdag ingestemd met de initiatiefwet van het Groningse SP-Kamerlid Sandra Beckerman om het oprichten van wooncoöperaties makkelijker te maken. “Ik ben zo ontzettend blij”, reageert een opgetogen Beckerman dinsdagavond. “Op naar meer betaalbare woningen zonder winstoogmerk.”
Met het aannemen van de ‘Wet Bevordering Wooncoöperaties’ wordt coöperatief wonen, waarbij bewoners gezamenlijk eigenaar en beheerder zijn van hun complex, de ‘derde pijler’ van de Nederlandse volkshuisvesting, naast reguliere huur en koop. Tot nu toe liepen inwoners die zelf het heft in handen wilden nemen vast in een juridisch moeras. Banken gaven moeilijk hypotheken, de fiscus werkte tegen en instanties wisten niet hoe ze met de woonvorm om moesten gaan. De nieuwe wet moet deze barrières gaan slechten.
Gemeenten aan de bak
Een van de meest ingrijpende punten uit de wet is dat gemeenten vanaf nu wettelijk verplicht worden om specifiek beleid voor wooncoöperaties op te nemen in hun woonvisie. Tijdens de voorbereiding op de wet afgelopen februari stuitte dat nog op flinke kritiek van partijen zoals het CDA, de PVV, SGP en BBB. Zij vreesden dat de wet de lokale autonomie van gemeenten zou aantasten en vroegen zich af waarom er geen vrijblijvend stimuleringskader was gekozen.
Beckerman hield echter voet bij stuk: een harde verplichting is volgens haar de enige manier om te zorgen dat overal in het land grond, geld en professionele ondersteuning vrijkomen voor burgers. In de gemeente Groningen bevindt zich momenteel één actieve wooncoöperatie: het Ebbingehof aan de Langestraat. Dit initiatief bestaat uit ongeveer veertig appartementen voor vijftigplussers. Daarnaast heeft de gemeente locaties aangewezen op De Suikerzijde en de Eems waar de komende jaren wooncoöperaties gerealiseerd kunnen worden. Groningen is daarmee één van de gemeenten die op dit onderwerp voorop loopt. Andere gemeenten worden met de nieuwe wet nu verplicht om een inhaalslag te gaan maken.
Angst
Ook PRO en de PVV uitten in de aanloop naar de stemming hun zorgen over de toegankelijkheid. Zij waarschuwden voor ‘enclavevorming’ en het risico dat de wet er in de praktijk vooral zou zijn voor de ‘mondige en kapitaalkrachtige burger’, terwijl reguliere woningzoekenden buitenspel zouden blijven staan.
Via de wet zijn er daarom strenge kaders gesteld aan het ‘geen winstoogmerk’-principe. De wet moet juist zorgen voor permanent betaalbare huurwoningen zonder winstoogmerk, wat volgens Beckerman juist leidt tot meer sociale cohesie, minder eenzaamheid in dorpen en wijken, en lagere maatschappelijke kosten.
De wet is na een jarenlang traject nu officieel door de Tweede Kamer geloodst. De komende periode zal de wet in de praktijk getoetst gaan worden, waarbij over vijf jaar een eerste evaluatie naar de Staten-Generaal wordt gestuurd om te kijken hoeveel nieuwe coöperaties de wet daadwerkelijk heeft opgeleverd.