Het proces achter de RAD-barak: “Alle drie de locaties hadden fantastische plannen, ze hebben het ons lastig gemaakt”

nieuws
Foto: Gemeente Groningen

Een lastige beslissing. Zo omschrijft Joël Stoppels het proces waarbij er uiteindelijk voor gekozen is om de RAD-barak uit de Tweede Wereldoorlog aan Schiermonnikoog te gunnen. Stoppels was als procesleider bij het project betrokken. Naast Schiermonnikoog aasden ook Hoogkerk en Trimunt op de barak.

Joël, er wordt al lang gesproken over de toekomst van deze barak, hè?
“Dat klopt. Aanvankelijk was het de bedoeling dat deze barak naar de gemeente Delfzijl zou verhuizen. Naar een locatie bij de zeedijk. Dat is een heel proces geweest. Maar uiteindelijk paste het daar niet in de omgeving. Ondertussen lag de barak opgeslagen. En dat is niet de beste manier om iets unieks, iets waardevols te behouden. Waar moet het heen? Dat werd de vraag. Omdat ik betrokken was bij de plannen in Delfzijl, ben ik uiteindelijk vanwege die expertise, maar ook vanwege mijn rol vanuit Battlefield Tours, als projectleider gevraagd om de barak een toekomst te geven.”

De RAD-barak. Je zegt het al, het is iets unieks, iets bijzonders, hè?
“De Duitse bezetter is na de inval in 1940 aan de slag gegaan met de Atlantikwall. Bij dat woord moeten we vooral denken aan de verdedigingswerken in bijvoorbeeld Frankrijk, in Normandië. Deze werken moesten beschermen bij een eventuele landing van geallieerden. Deze Atlantikwall liep echter door tot de Eemsmonding. Bij Delfzijl en Oterdum, een dorpje dat tegenwoordig niet meer bestaat, stonden bunkers en kustbatterijen. Het waren plekken waar veel Duitse militairen waren. Om deze onderdak te bieden, werden RAD-barakken geplaatst.”

Waarbij RAD staat voor Reichsarbeitsdienst…
“Dat klopt. Daar waren er behoorlijk wat van te vinden. In 1945 eindigde de Tweede Wereldoorlog. Toen was de vraag: wat moet je ermee? Het herinnert aan een lelijke periode, waardoor er veel barakken werden afgebroken. Andere barakken kregen een tweede leven, als kippenschuur bijvoorbeeld. De barak in Oterdum werd verplaatst naar Hoogkerk, waar het gebruikt werd door een vereniging. Enkele jaren geleden werd het gebouw daar overbodig. Het plan was dat het gesloopt ging worden. Maar gemeentelijk bouwhistoricus Taco Tel stak daar een stokje voor toen hij in de gaten kreeg dat er een bijzondere geschiedenis aan het gebouw zat, vanwege de rol die het gehad heeft bij Oterdum.”

Het plan om de barak bij Delfzijl te plaatsen liep dus spaak. En toen?
“Dat was ook de vraag die wij hadden: wat nu? Waar moet het heen? We hebben een oproep gedaan of er belangstelling voor was. Dat leverde zo’n tachtig reacties op. Als projectleider ben ik met al deze partijen in gesprek gegaan. We zijn gaan filteren. Daarbij hebben we gekeken wat men qua plannen wilde en of dit qua vergunningen haalbaar was. Bij elke ronde vielen locaties af, tot er drie plekken overbleven: Hoogkerk, Trimunt en Schiermonnikoog. En toen werd het lastig, want alle drie hadden fantastische plannen.”

Uiteindelijk is er gekozen voor Schiermonnikoog…
“Zij bleken heel sterk in de wedstrijd te staan. Zo hadden zij een intentieverklaring die heel veel zekerheid bood. Daarbij werd dit plan gesteund door de provincie Fryslân, die achter de schermen veel werk heeft verzet. Uiteindelijk denk ik dat door voor Schier te kiezen, de barak een mooie plek krijgt. Maar tegelijkertijd snap ik ook de teleurstelling op de andere twee locaties: en echt, ook zij hadden hele mooie plannen. Wij hebben het lastig gehad.”

Wat gaat er met de barak gebeuren?
“Op Schiermonnikoog bevindt zich Bunkermuseum Schlei. Het museum is gevestigd in twee originele Duitse bunkers die tijdens de Tweede Wereldoorlog in gebruik waren als de radarstelling Schlei. Gegevens van verschillende radar- en radiosignalen werden hier verzameld en werden doorgegeven aan de Luftwaffe die daarop kon reageren door bijvoorbeeld geallieerde vliegtuigen te onderschepen. Het museum laat de geschiedenis hiervan zien met behulp van foto’s, voorwerpen en verhalen. Enkele onderwerpen die er behandeld worden zijn de bombardementen op Schiermonnikoog, het smalspoor dat op het eiland heeft gelegen en de radarantennes die er hebben gestaan. Het museum heeft niet echt ruimte om uit te breiden, maar de barak kan wel gaan dienen als toevoeging, als verlengstuk van het museum door bijvoorbeeld te dienen als educatief centrum.”

Op dit moment ligt de barak in Groningen opgeslagen. Hoe gaat de overdracht eruitzien?
“Het zal niet zo zijn dat we alles op een vrachtwagen laden en de chauffeur vervolgens via de veerboot richting het eiland sturen met de mededeling ‘veel plezier ermee’. We willen gaan voor een warme overdracht. Waar nodig en waar het kan, willen we ook ondersteuning gaan bieden. De barak zal gerestaureerd moeten gaan worden en daar is vanuit Groningen veel kennis voor om dit te realiseren. Dus wij proberen hier betrokken bij te zijn, waarbij we hopen op een hele mooie samenwerking.”

De afgelopen jaren heb je van alles gedaan. We kennen jou voornamelijk als iemand die begeisterd spreekt over de Tweede Wereldoorlog en daar lezingen over geeft. Deze rol als projectleider lijkt me heel bijzonder te zijn geweest…
“Absoluut, dit was een hele leuke uitdaging. We zijn begonnen vanuit de grondhouding dat de barak, vanwege de waarde, eigenlijk niet naar de sloop moest. Veel mensen hebben hier de afgelopen jaren over nagedacht. Er zijn ook veel tips gegeven. Uiteindelijk ligt er een mooi resultaat en ik ben heel blij hoe het proces is gelopen. Kijk, we hebben het over geschiedenis. En voor dit onderwerp is er veel belangstelling geweest. De geschiedenis is echt omarmd. En daar word ik enthousiast van. Dat is waardevol.”