Sociale Brigade Haren luidt de noodklok: “Aandacht voor Oekraïne mag niet verslappen”

nieuws
Foto: Willemijn Kemp

Alle hulp is welkom. Die oproep doet de Sociale Brigade uit Haren. De vrijwilligersorganisatie zet zich al sinds de Russische inval in Oekraïne, ruim vier jaar geleden, in om hulp te bieden. Willemijn Kemp ziet echter dat de aandacht voor het conflict afneemt. Daardoor neemt ook het aantal hulpgoederen dat gedoneerd wordt af. Zij noemt die ontwikkelingen gevaarlijk.

Willemijn, de aandacht voor de oorlog verslapt…
“Ja en nee. De afgelopen weken vonden Koningsdag en Bevrijdingsdag plaats. Feestdagen waarbij we met de Sociale Brigade altijd actief zijn om ons te laten zien. Tijdens Bevrijdingsdag waren we bijvoorbeeld te vinden op het Oekraïneplein in het Stadspark. Dit plein organiseren wij zelf. Veel mensen zijn ons komen opzoeken. Ook bezoekers die jaarlijks terugkeren: bijvoorbeeld omdat hun kinderen het zo leuk vinden om geschminkt te worden of omdat mensen op deze manier kennis kunnen maken met de Oekraïense keuken. Dat is super. Maar er is inderdaad ook een keerzijde, waarbij wat betreft de hulpverlening we zorgen hebben.”

Kun je uitleggen welke problemen er spelen?
“We zien bijvoorbeeld dat de hoeveelheid hulpgoederen die we binnenkrijgen aan het afnemen is. Toen de oorlog uitbrak, werd de situatie breed gedragen en was iedereen in touw. Dat is duidelijk afgenomen. Ook de donaties die we binnenkrijgen nemen af. Ondertussen is er in het Midden-Oosten een conflict uitgebroken, waarbij de Straat van Hormuz geblokkeerd is, die ons ook raakt. De benzineprijs is verdubbeld. Het is dus dubbel zo duur geworden om hulpgoederen naar Oekraïne te verslepen. Dit heeft als gevolg dat we aangepast hebben wat we nog wel en wat we niet inzamelen. Zo zamelen we bijvoorbeeld op dit moment geen kleding meer in omdat het verschepen daarvan te duur is geworden. Daarnaast speelt mee dat wat we kunnen doen enigszins beperkt is omdat we toch ook wel vrijwilligers kunnen gebruiken.”

Tekst gaat verder onder de foto’s:

Als Sociale Brigade zetten jullie je aanvankelijk in voor het opvangen en ondersteunen van Oekraïense vluchtelingen. Later is dit uitgebreid met het zelf brengen van hulpgoederen naar Oekraïne. Jullie vrijwilligers zijn ook deels Oekraïens. Hoe gaat het met hen?
“Op zich gaat het met hen heel goed. We zien dat veel mensen zich heel goed weten aan te passen. Zeker de kinderen en de jongeren spreken de Nederlandse taal inmiddels vaak al heel goed en onze feestdagen heeft men omarmd. Aan de andere kant merk je dat deze oorlog nu ruim vier jaar onderweg is. Ze denken na over hun leven hier. Willen ze hier blijven? Dat heeft niets met ondankbaarheid te maken, want die dank kunnen ze niet in woorden uitdrukken. Maar er is geen duidelijke toekomstvisie. En daardoor spelen er allerlei problemen, ook op mentaal gebied.”

Kun je dat uitleggen?
“Er is te veel onduidelijkheid. Neem de jongeren. Als zij willen gaan studeren, dan wordt dit financieel niet ondersteund door de overheid. Ze moeten vaak het hoge instellingscollegegeld van 8.000 tot 16.000 euro per jaar betalen in plaats van het lage wettelijke tarief van ongeveer 2.600 euro dat Nederlandse jongeren betalen. Ondanks steuninitiatieven zijn deze hoge kosten en het gebrek aan recht op studiefinanciering grote barrières. In veel gevallen wordt er dan maar voor gekozen om aan het werk te gaan. En ik blijf het jammer vinden dat een regeling die hier een oplossing voor moest bieden, het niet gehaald heeft in de Tweede Kamer. En wat je ziet, en wat je merkt, is dat dit alles bij elkaar Oekraïense gezinnen laat nadenken of ze hier wel willen blijven.”

Wat zou er moeten gebeuren?
“Ik denk dat het begint met het bieden van een goed toekomstperspectief. Op landelijk niveau gaat het nu om tijdelijke regelingen. Qua verblijfsstatus moeten er echt stappen ondernomen worden. We hebben het over mensen die hier inmiddels al jaren wonen en zich voor een groot deel al aangepast hebben. Oekraïners die in het oranje op 27 april Koningsdag vieren. Kinderen die hier op jonge leeftijd met hun ouders naartoe zijn gevlucht, en nu een jaar of 7, 8 zijn. Zij hebben eigenlijk geen actieve herinneringen aan het land waar ze zijn geboren. Je kunt het beschouwen als een diaspora.”

De zomer staat voor de deur. Maar vroeg of laat dient de herfst zich weer aan. Wat wil je gaan doen op het gebied van hulpgoederen?
“We willen vooral niet te laat beginnen met de start van het inzamelen. Dus dat is vooral ook de boodschap die ik wil doen: dat we hulp kunnen gebruiken. Bijvoorbeeld van vrijwilligers. Als het je leuk lijkt, dan ben je van harte welkom. En het is niet zo dat er verplichtingen aan zitten dat we je drie keer in de week een dagdeel verwachten: al zou je maar eens in de maand kunnen, je hulp is welkom. En dat geldt ook voor donaties en het leveren van hulpgoederen. Qua hulpgoederen kunnen we bijvoorbeeld medische hulpgoederen goed gebruiken, houdbaar voedsel maar ook donaties voor benzine.”

Tekst gaat verder onder de foto’s:

In de mediaberichtgeving is er aandacht voor de situatie in Rusland: Oekraïne maakt vorderingen op het slagveld en op 9 mei waren er voor het eerst geen militaire voertuigen te zien op de parade. Dan gaat het niet slecht, toch?
“Er zijn ook geluiden en aanwijzingen die zorgelijk zijn. Mensen die berichten en signalen aan het monitoren zijn, melden dat er in Belarus bewegingen worden gezien. We houden er rekening mee dat het Belarussische leger wellicht gaat deelnemen aan de strijd. En wat gaat dit betekenen? Belarus ligt ten noorden van Oekraïne. In de noordelijke regio van Oekraïne ligt bijvoorbeeld een stad als Chernihiv. Een ontzettend mooie en oude stad. Daar staat een van de oudste kathedralen van het land: de Spaso-Preobrazhenskyi-kathedraal, een van de oudste bewaarde monumenten uit de tijd van het Kievse Rijk uit de elfde eeuw. Er zijn zorgen dat zulke mooie gebouwen beschadigd worden en dat zulke steden bezet worden. En qua kapot schieten: daar zijn de Russen met hun Shahed-drones ook al fors mee bezig. Er wordt erg veel schade aangericht.”

Zorgen om de cultuurhistorische waarde, maar ik neem aan dat het ook over een mogelijk tweede front gaat?
“Dat klopt. Op dit moment ligt de frontlijn in het oosten. Daar wordt gevochten. Komt er een tweede frontlijn bij, dan betekent dit in militair opzicht dat je middelen en mensen over een groter gebied moet verspreiden. Dat is een hele zorgelijke gedachte. En ook qua hulp zou deze situatie verontrustend zijn, omdat de aanvoerlijnen waarmee hulpgoederen naar het front worden gebracht, door zo’n tweede front ten noorden van de hoofdstad Kyiv veel langer en riskanter worden. Dus qua diplomatie zou het advies zijn om veel meer in te zetten op de bescherming van de noordelijke regio.”

Hoe gaat dit aflopen?
“Samen kunnen we het verschil maken. Dit is en blijft een oorlog die in onze achtertuin woedt. Door de hulp die we de afgelopen jaren gestuurd hebben, is Oekraïne in staat geweest om zich kranig te weren tegen de vijand. Wat je zelf al zei: op het slagveld gaat het niet slecht, hoewel we ook moeten beseffen dat een oorlog verre van leuk is en slachtoffers eist. En natuurlijk: er zijn in de wereld andere conflicten uitgebroken. Conflicten die ons ook weer raken. Maar we moeten oog houden voor Oekraïne. Als we stoppen met hulp geven, dan raken we de mensen daar direct. Het krijgen van hulp doet heel veel met hun motivatie. Ze voelen zich gesterkt als ze vanuit het buitenland hulp ontvangen. Maar dan moet dat wel op niveau blijven. En wat ik al zei: hulp hoeft niet altijd in geld uitgedrukt te worden. Je als vrijwilliger inzetten is ook waardevol.”

Zou het kunnen helpen om zelf zichtbaarder te zijn?
“Ook daar heb je vrijwilligers voor nodig. Op zich doen we al heel veel: ik noemde Koningsdag en Bevrijdingsdag al. Ook eerdere inzamelacties zijn zichtbaar geweest. Maar stel dat je op de Grote Markt iets wilt doen, bijvoorbeeld inwoners kennis laten maken met wat we doen, Oekraïense tradities en waarden of gewoon een actie organiseren: daar heb je vrijwilligers voor nodig omdat daar veel bij komt kijken. Daarom is alle hulp welkom.”

Meer informatie over de Sociale Brigade vind je op deze website.