Column Benno de Jongh | Flitskrieg

column

De Oude Ebbingestraat, donderdagmiddag 16.15 uur. Twee in het zwart geklede jongens rijden op de stoep bijna een bejaarde man omver, parkeren haastig hun e-bike en spoedden zich een ruimte in die nog het meest weg heeft van een discotheek. Het is het luidruchtige magazijn van Gorillas, de flitsbezorger die belooft binnen tien minuten een zak paprikachips, een sixpackje of een pak melk bij uw voordeur af te leveren.

Gorillas zelf noemt het magazijn clubhouse, om toch vooral te laten zien wat voor jonge, hippe start-up ze zijn. De magazijnmedewerkers heten pickers en de bezorgers riders, want taal is de goedkoopste manier om de zaken net wat rooskleuriger voor te stellen dan ze in werkelijkheid zijn. De harde opzwepende muziek draaien ze vooral om er de vaart bij het personeel een beetje in te houden.

De flitsbezorgers Gorillas en Flink zijn niet weg te denken uit het Groningse straatbeeld. Doe je dat wel – dat wegdenken – dan wordt je van je sokken gereden door een zwarte of roze koerier op een opvoerde e-bike. Ook de riders van Zapp, Getir, Weezy, Dija en Just Eat Takeaway waren zich in de coulissen aan het warmfietsen om zich in de Groningse flitsbezorgstrijd te mengen, maar daar stak de gemeenteraad begin dit jaar een stokje voor. De ‘dark stores’ passen in de ogen van de gemeente niet goed in het straatbeeld van de binnenstad. De zaken fungeren niet als winkel, maar eerder als distributiecentrum. Daarom zit er voorlopig een rem op de vestiging van nieuwe flitsbezorgdiensten in Stad.

Waarom willen die nieuwe flitsbezorgers eigenlijk een lokale markt betreden waar al twee concurrenten rondfietsen, die bovendien beide geen winst maken? Dat gaat toch tegen alle wetten van de economie in? Misschien van de oude economie, want het gaat allang niet meer om originele producten, diensten of om winst. De focus ligt op groei. Het draait om zoveel mogelijk durfkapitalisten voor je karretje te spannen, die dan samen vele miljoenen investeren in de hoop dat jouw bedrijf uiteindelijk als winnaar uit de bus komt. Een soort gokken voor gevorderden dus. Dat deze bedrijven allemaal precies hetzelfde doen en alleen hun naam, logo en kleur van elkaar verschilt, telt niet. Het is eigenlijk net als het bordspel Risk, waar legertjes met verschillende kleurtjes proberen al dobbelend de wereld te veroveren.

De flitslegertjes hebben niet toevallig Groningen uitgekozen als een van de eerste steden in Nederland. Vanwege de grote populatie studenten en jongeren is hier gemakkelijk personeel te krijgen. En dat is tevens de doelgroep die – uit gemakzucht, app-verslaafdheid en de groeiende incompetentie om met wildvreemden te converseren – het meest gebruik maakt van de flitsbezorgers.

Maar wat kan dit nou allemaal voor kwaad, hoor ik u zeggen. Als mensen euro’s teveel willen betalen voor een boodschapje dat ze ook kunnen halen bij de supermarkt of winkel een straat verderop, dan is dat toch prima? Nou, toch niet helemaal. Want er zitten wel degelijk behoorlijke nadelen aan de aanwezigheid van deze flitsbezorgers.

Om te beginnen zijn er de magazijnen, die met hun luide muziek, afval, nachtelijke aanleveringen en drukte voor de nodige overlast zorgen bij omwonenden en bezoekers van de stad. Ook werken vooral jonge arbeidskrachten bij de flitsbezorgers. Dat terwijl horeca, de zorg en zo’n beetje alle andere sectoren staan te springen om mensen. Ook de lokale winkels hebben te lijden onder de concurrentie van de flitsbezorgers. En dan zijn er nog de talloze verkeersongelukken waarbij de riders betrokken zijn. Haast, appen en e-bikes is geen goede combi, bewijzen de flitsbezorgers dagelijks.

Daarom is het goed dat de komst van de vergunningsaanvragen van flitsbezorgers nu wordt aangehouden. De gemeente werkt intussen aan nieuw beleid, waarin het wil uitwerken waar wél nieuwe vestigingen van flitsbezorgers mogen komen. Mogelijk worden dat de industrieterreinen, in elk geval niet in winkelstraten of woonwijken. Nu is het te hopen dat de Europese wetgeving vanwege de verstoring van de interne markt of zoiets geen roet in het eten gooit.

Politiek Nederland heeft lange tijd een vreemd soort voorliefde gehad voor dit soort zogenaamd, hippe, beurgenoteerde bedrijven. Uit angst om de boot te missen of vanwege het trage reactievermogen werd deze start-ups geen strobreed in de weg gelegd en konden ze zelfs genieten van bepaalde belastingvoordelen. Tegelijkertijd heeft de overheid er altijd de mond van vol zaken die schadelijk zijn zwaarder te willen belasten. Waarom zou je dat dan niet doen bij bedrijven die onze steden alleen maar gebruiken als een soort proeftuin? Als iets schadelijk is, zijn het wel de flitsbezorgers, van wie de winsten ook nog eens veelal in de zakken van buitenlandse aandeelhouders verdwijnen.

Dus landelijke overheid, wees eens consequent. En gemeente, blijf scherp. Als de flitsbezorgers ondanks de strenge regels dan nog kunnen overleven, soit. Dan zal de luiheid van de consument die weigert de deur uit te gaan z’n prijs hebben. Dus trek je joggingbroek alvast maar aan en doe de deur open. Daar staat je zak paprikachips van 12 euro al voor je klaar!

Benno de Jongh is 13 januari terug met zijn column

Benno de Jongh is freelance journalist, onder meer bij RTV Noord en voor verschillende schaakwebsites en -bladen. Benno schrijft wekelijks een column over een relevant onderwerp uit de gemeente Groningen. Heb jij een goed onderwerp waar Benno aandacht aan moet besteden? Of wil je iets kwijt over de columns? Stuur dan een mail naar benno@oogtv.nl

Deel dit artikel: