Voor iedere nieuwe studentenkamer die er de komende acht jaar bij komt, verdwijnen er ruim twee uit de particuliere verhuur. In Groningen valt het mee. Dat blijkt uit onderzoek van vastgoedadviseur CBRE.
Het onderzoek richtte zich op de studentenhuisvesting in twaalf Nederlandse universiteitssteden. De geplande nieuwbouw kan het verlies van bestaande kamers niet compenseren. Ondanks een verwachte daling van het aantal studenten blijft in 2034 een groot tekort bestaan.
In de twaalf onderzochte universiteitssteden verdwijnen de komende acht jaar naar verwachting bijna 38 duizend kamers uit de particuliere verhuur, terwijl via bouwplannen ruim 16 duizend nieuwe studenteneenheden worden toegevoegd. Daarmee neemt het aanbod met ruim 21 duizend kamers af. Ondanks een dalende studentenvraag blijft in 2034 een tekort van ruim 18 duizend studentenkamers bestaan, tegenover ruim 21 duizend nu.
De verschillen per stad zijn echter groot. In Groningen, maar ook in Nijmegen en Maastricht, bewegen vraag en aanbod in 2034 juist richting evenwicht, vooral doordat het aantal studenten afneemt.
De afname van het particuliere aanbod is al zichtbaar. In de twaalf onderzochte steden verkochten particuliere verhuurders in 2024-2025 bijna 4 procent van hun studentenkamers. Van de verkochte kamers wordt slechts één op de acht opnieuw aan studenten verhuurd. De overige kamers verdwijnen daarmee uit de studentenhuisvestingsmarkt. Dat heeft ook te maken met de nieuwe fiscale regels rond vastgoed in box 3 en met de huurregulering. Hierdoor wordt verkoop in veel gevallen aantrekkelijker dan verhuur. Bovendien blijven veel studenten langer thuis wonen.
