Een meerderheid van de gemeenteraad gaat woensdag instemmen met cameratoezicht op het Martinikerkhof en de Spilsluizen. Waar de ene fractie dit morrend doet en zich daarbij grote zorgen maakt over de privacy, willen andere fracties juist dat er in de binnenstad nog veel meer camera’s komen te hangen, waarbij er een dekkend netwerk ontstaat.
Aanleiding voor het raadsvoorstel is de aanhoudende overlast op de Spilsluizen en het Martinikerkhof, veroorzaakt door een complexe mix van verslaving, dakloosheid, psychische problematiek en drugshandel. Waar in de meeste Nederlandse gemeenten de burgemeester zelfstandig beslist over cameratoezicht, heeft de Groningse gemeenteraad die bevoegdheid aan zichzelf gehouden, zoals eerder ook gebeurde bij de Gele Loper. Omdat deze locaties formeel bovendien niet voldoen aan de standaardvoorwaarden voor cameratoezicht (er komen relatief kleine groepen samen en er vinden niet uitsluitend geweldsdelicten plaats, red.) moet de raad nu via een raadsvoorstel de verordening aanpassen om het toezicht formeel mogelijk te maken.
Zorgen in de Boteringestraat
De plannen roepen ook grote zorgen op in de Nieuwe Boteringestraat waar volgend jaar de deuren van de nieuwe daklozenopvang openen. Haije Stigter is van Samen voor de Buurt die namens 150 omwonenden spreekt: “De huidige overlast op de Spilsluizen en Martinikerkhof is ernstig en wij begrijpen dat er achter deze overlast een complexe vorm van problematiek schuilgaat. Maar is cameratoezicht de oplossing? Het college erkent dat als je op een plek maatregelen neemt, er een verplaatsing plaats zal vinden. De vraag is dan ook simpel: waar gaat de overlast naartoe? Camera’s lossen geen verslavingen op en lossen ook geen problemen op. Ondertussen wordt volgend jaar de nieuwe dagopvang midden in onze woonwijk geplaatst. Hoe kan het college volhouden dat dit nog steeds de beste locatie is? De omgeving van de opvanglocatie wordt namelijk ook gebruikt door personen om er drugs te verkopen of om gebruik te maken van de kwetsbaarheid van de personen die er verblijven?”
Daar reageert Leendert van der Laan van Partij voor het Noorden op: “In de krant lezen wij een verhaal dat vijf gezinnen de Boteringestraat willen verlaten?” Stigter: “Dat kan ik bevestigen. Er zijn buurtbewoners die recent elders een woning hebben gekocht. De mentale stress wordt voor hen te groot. Wij zijn dan ook bang voor een leegloop in de wijk en dat er een wijziging in de demografie ontstaat.”
Burgemeester: “We staan aan dezelfde kant van het touw”
Burgemeester Roelien Kamminga (VVD) is aan het einde van de vergadering duidelijk: “Na alles gehoord te hebben, ben ik blij dat we allemaal aan dezelfde kant van het touw staan. De discussie die we nu voeren is waar de balans ligt. We hebben gebieden waar overlast wordt ervaren en waar we stappen vooruit willen zetten. Maar tegelijkertijd is cameratoezicht geen doel op zich. Het is niet zaligmakend en het lost ook geen problemen op. De kans is ook dat door het inzetten van camera’s er een waterbedeffect ontstaat. Tegelijkertijd zijn camera’s een onderdeel van een breder programma. Echter, omdat de effecten van de preventieve aanpak langer nodig hebben en de intensieve inzet van politie en handhaving haar grenzen bereikt en ten koste gaat van andere wijken, zetten we nu deze camera’s in. Wij achten dat dit nu nodig is.”
“We hebben te maken met een structureel ordeprobleem”
Yaneth Menger is raadslid voor Stadspartij 100% voor Groningen: “We kunnen één conclusie trekken en dat is dat we niet te maken hebben met een paar incidenten of incidentele overlast, maar met een structureel ordeprobleem. Uit gegevens blijkt dat op de Spilsluizen en het Martinikerkhof 76 personen verdacht worden van activiteiten die niet horen. Van 375 personen zijn de gegevens vastgelegd omdat zij op een bepaalde manier betrokken waren bij overlast. In de afgelopen vier maanden hebben er 28 aanhoudingen plaatsgevonden. En dan gaat het uitsluitend om deze twee precieze locaties: de directe omgeving is niet meegenomen. Maar hoe groot is het werkelijke probleem? We hebben het over dealen, openlijk drugsgebruik, wildplassen en het bezetten van portieken. En tegelijkertijd vinden er in de gemeente ernstige geweldsincidenten plaats bij woningen.” Daar reageert Rik Heiner van de VVD op: “Vindt de Stadspartij dat er een dekkend cameratoezicht moet komen binnen de diepenring?” Menger: “Jazeker.”
Menger: “We kijken nadrukkelijk naar de burgemeester. Als er op straat wordt gedeald, als er geweld wordt gebruikt en als inwoners worden geïntimideerd, dan moet men weten waar de keiharde grens ligt. Mijn fractie is het ermee eens dat een onderdeel van dit verhaal een hele kwetsbare groep is. Daarom is de oproep: zorg en ondersteun waar je kunt, begrens waar het kan en treed hard op als dit nodig is.”
Leendert van der Laan van Partij voor het Noorden sluit zich grotendeels aan bij de woorden van Menger: “Wij zijn geschrokken van de aantallen mensen die het betreft. We vinden ook dat dit voorstel waar we het nu over hebben veel te lang heeft geduurd. Al sinds november zitten we met dit onderwerp in onze maag. Als je dan hoort dat het om 375 personen gaat: dat zijn meer mensen dan de gemiddelde harde kern van een voetbalclub. Ondertussen baart het mij zorgen dat er geen antwoord wordt gegeven op de groeiende oorzaken van de overlast. Wij hadden heel graag een beeldvormende sessie gezien waarbij hierop ingegaan zou worden. Want we moeten eerlijk zijn: camera’s lossen niks op, behalve dat ze registreren. Ze kunnen wel zorgen voor een waterbedeffect. Eerst de Spilsluizen, toen het Martinikerkhof en straks de Boteringestraat. Dat roept bij mij de vraag op waar het totaalplan voor de Boteringestraat blijft. Uiteindelijk willen we geen eilandjes met camera’s. We zouden graag een kaart zien waar de overlast zich afspeelt en dat er een breder debat wordt gevoerd over oorzaak en gevolg.”
VVD: “Dankzij cameratoezicht kon de dader veroordeeld worden”
Rik Heiner van de VVD deelt een persoonlijke ervaring: “Een paar jaar geleden ben ik in de avond aangevallen op straat. Er was cameratoezicht, dus dan weet je dat deze situatie zich niet afspeelde in Groningen. De politie was er gelukkig heel snel. Er waren beelden, er was bewijs en uiteindelijk is de dader veroordeeld en heeft ook hulp gekregen. Als mij dit in Groningen was overkomen, dan waren er geen beelden geweest. De politie zegt in zulke gevallen: maak maar een rondje langs ondernemers: misschien staan er ergens camera’s op straat gericht. Groningen is de zesde stad van Nederland. We zijn een gemeente van formaat en daar horen problemen bij. Een consequentie is dat je dan vaker gebruik gaat maken van cameratoezicht. En wat mij betreft moeten we dat veel breder inzetten.”
Volgens Heiner moet er een dekkend netwerk komen: “Het liefst binnen de diepenring. Hierdoor kan de politie veel effectiever werken en scheelt dit uiteindelijk ook menskracht.” Robin Twickler van Volt schrikt van de woorden: “Ik vind dit een zorgelijk voorstel. Want hiermee is de weg geopend om straks gezichtsherkenning toe te passen en om mensen bekeuringen te geven voor overtredingen die door camera’s worden gezien.” Heiner: “Dit maakt mij echt boos. Volt vertrouwt dus niet de mensen die de beelden bekijken? De beelden worden uitgelezen door professionals. En het is nog altijd zo dat wij als raad beslissen op welke manier cameratoezicht wordt gebruikt.” Hans de Waard van de SP: “Maar wat als de onveiligheid zich verplaatst buiten de binnenstad? Gaan we dan alles volhangen met camera’s?” Heiner: “Camera’s zijn niet het enige waar je je op in moet zetten. Het is een onderdeel. Mensen die bijvoorbeeld zorg mijden, zou je een gebiedsverbod kunnen geven.” Daarnaast moet Heiner nog iets van het hart: “Ik vind dat we dit voorstel veel te laat hebben gekregen. We gaan nu richting de winter, waardoor er minder mensen op straat zijn. De camera’s worden voor een half jaar ingezet. De conclusie kan dan zijn: de overlast is afgenomen. En vervolgens zitten we volgend jaar zomer met dezelfde problemen.”
“Het proces rond cameratoezicht gaat razendsnel en tergend traag tegelijkertijd”
Izaäk van Jaarsveld van het CDA probeert het in een perspectief te plaatsen: “Soms kunnen tegengestelde dingen waar zijn. Het proces rond cameratoezicht is namelijk razendsnel gegaan en tergend traag tegelijkertijd. In de laatste raadsvergadering voor de zomervakantie werd gesproken over de mogelijke inzet van camera’s. Nu bij de eerstvolgende raadsvergadering ligt er al een voorstel op tafel waarbij we dit instrument gaan inzetten. Politiek gezien is dat razendsnel. De feiten maken het noodzakelijk om dit in te zetten. Er zijn onvoldoende boa’s en agenten om de overlast en de drugsproblematiek te bestrijden. We betreuren dat het toezicht nodig is, maar we zijn wel blij dat het nu gaat gebeuren.”
Ook Volt stemt in met cameratoezicht, maar wel schoorvoetend. Robin Twickler: “Als er een agent staat, dan kun je er naartoe lopen om steun te vragen. Maar een camera zal weinig hulp bieden. De afgelopen weken zijn we een aantal keren langs het Martinikerkhof gelopen. Het is een enge plek waar je een zaklamp nodig hebt. Er is hier sprake van een structurele planfout: het is niet goed ingericht. Ons lijkt het goed dat we kijken naar de inrichting, waarbij we nadenken over het neerzetten van een horeca- en toiletvoorziening.”
SP: “Regering schuift grote problemen vooruit”
Voor de SP is het debat aanleiding om de pijlen op Den Haag te richten. Hans de Waard: “Overlast en onveiligheid zijn een groot probleem. We zien het aantal daklozen toenemen en steeds meer mensen haken af bij onze samenleving. De oorzaken zijn bekend: er is een woningtekort en de GGZ loopt vast. De ongelijkheid groeit en de armoede verdiept zich. Ondertussen zien we dat de gemeente haar verantwoordelijkheid neemt. Maar het is dweilen met de kraan open. De landelijke regering zou met oplossingen moeten komen, maar gisteren tijdens Prinsjesdag bleef het stil. Grote problemen worden vooruitgeschoven, waarbij we zelfs gezien hebben dat Groningen verdwenen is uit de Troonrede.”
Van der Laan (Partij voor het Noorden) noemt het relaas van De Waard makkelijk: “We hebben het nu toch over een onderwerp dat we juist zelf op kunnen lossen?” De Waard: “Groningen is geen eiland. Het college bestaat niet uit supermannen. We hebben ook te maken met de rest van Nederland, waarbij de problematiek zich niet alleen hier voordoet. We moeten onszelf geen rad voor de ogen draaien.” De Waard vertelt verder: “Mijn fractie is blij met de maatregelen die nu voorliggen, maar tegelijkertijd hebben we niet de illusie dat de problemen hiermee ook gaan worden opgelost.”
Partij voor de Dieren: “Risico dat we richting een politiestaat gaan”
Partij voor de Dieren is kritisch. Linda Wijnalda-Dussel: “Mijn fractie is altijd zeer terughoudend geweest met het inzetten van cameratoezicht. Dat vinden we ook wanneer het gaat om ANPR-camera’s. Als wij alles gaan controleren, met het risico dat beelden in verkeerde handen vallen, dan gaan we richting een politiestaat. En daarbij moeten we niet vergeten dat je veiligheid op straat niet krijgt door camera’s. Het is een illusie. Er wordt gedaan alsof het een heilige graal is, maar het is symptoombestrijding. We moeten ook juist kijken naar de voorkant: dat we meer mensen gaan opleiden die in de GGZ kunnen werken. En daarbij moeten we ook optrekken en samenwerken met omliggende gemeenten. Voor nu stemmen we in met cameratoezicht op deze beide locaties, maar met het nadrukkelijke verzoek om ze kortdurend in te zetten en om het snel te gaan evalueren.”
Jahir Scoop van PRO sluit zich daarbij aan en noemt camera’s een paardenmiddel: “Mijn fractie is kritisch op het gebruik van cameratoezicht. Ik heb veel liever dat we problemen aan de voorkant aanpakken. Dat mensen überhaupt niet meer worden aangevallen op straat.” Daar reageert Kelly Blauw van de PVV op: “We hebben het over bijvoorbeeld daklozen die door omstandigheden op straat terecht zijn gekomen. We hebben het dus ook over een zorgvraagstuk. Wat vindt u van Housing First?” Scoop: “Mijn fractie is erg enthousiast over Housing First en ook Skeve Huse. De oplossing begint met een dak boven je hoofd.” Blauw: “Daar kunnen we toch op inzetten? Dat we mensen buiten de stad opvangen en zo goed mogelijk proberen te helpen?” Daar is Scoop het niet mee eens: “Het zijn onze inwoners en die horen in onze binnenstad.” Scoop sluit zich aan bij de wens van Partij voor de Dieren om het cameragebruik snel te evalueren: “Het liefst over drie maanden.”
Burgemeester: “Inzetten op een periode van zes maanden cameratoezicht
Burgemeester Kamminga stemt daarmee in: “Wat betreft camera’s: als er iets nodig is, dan kom ik daarmee. Maar ik houd wel altijd rekening met het politieke draagvlak en ik kijk naar de mix van maatregelen die passend is. De aanpak is weerbarstig, want we zien dat de problematiek van dealer en overlast toeneemt. We zetten daarbij een persoonsgerichte aanpak in. Tegelijkertijd is het zo dat camera’s niet alles oplossen: dat is ook de reden dat ik nu eerst inzet voor een periode van een half jaar en niet voor twaalf maanden.”
Verschillende partijen kondigen moties aan voor de raadsvergadering die later op de dag plaatsvindt.