NNO verovert Lowlands opnieuw: “Terwijl wij aria’s spelen, zie je het publiek raven en uit hun plaat gaan”

nieuws
Het publiek gaat uit zijn dak in de Alpha-tent op Lowlands. Foto: Annelies Diertens

En opnieuw ging het publiek op het Lowlands Festival in Biddinghuizen uit zijn dak terwijl het Noord Nederlands Orkest (NNO) op het podium het Requiem van Verdi speelde. Voor tubaspeler Matthijs Leffers van het orkest werd het wederom een onvergetelijke ervaring.

Matthijs, jullie stonden in de Alpha-tent. Hoe is het gegaan?
“Het was top. Het was voor de vierde keer op rij dat we op het hoofdpodium stonden. In 2023 speelden we Beethovens Negende Symfonie en vandaag speelden we het Requiem van Giuseppe Verdi. Dat is sowieso al bijzonder. Er is geen enkele act te vinden op Lowlands die vier keer achter elkaar op het belangrijkste podium stond. Iedere keer als we naar Flevoland afreizen, stellen we onszelf de vraag: gaat het weer net zo gaaf worden als de vorige keer? En ja, dat is opnieuw gelukt. De interactie met het publiek blijft verbazen. Als NNO voelen we ons hier thuis, maar het publiek omarmt het NNO ook heel duidelijk.”

De beelden laten het verhaal zien: festivalgangers die helemaal uit hun dak gaan op een klassiek stuk…
“Ja, mooi hè? Als tubaspeler ben ik niet constant in actie; ik heb in delen van de stukken pauze. Dat is mooi, want dat geeft de mogelijkheid om te zien hoe er gereageerd wordt. Ik heb de ambiance dus heel duidelijk meegekregen. Je ziet het publiek bij bepaalde passages in het werk van Verdi helemaal uit z’n dak gaan. Op andere momenten zijn ze weer rustig, maar als ze dan het ritme horen waarbij de spanning wordt opgebouwd, zie je het publiek daar direct weer op reageren.”

Hoe belangrijk is het dat deze vorm van muziek op een festival als Lowlands te horen is?
“Ik denk dat het heel belangrijk is. Het Messa da Requiem werd in mei 1874 voor het eerst uitgevoerd om de eerste sterfdag van de Italiaanse dichter Alessandro Manzoni te herdenken. Je hebt het dus over een stuk dat meer dan 150 jaar oud is. Ik vermoed dat zo’n tachtig procent van de festivalgangers dit werk niet kent. En toch staan er duizenden mensen in de tent om er geïntensiveerd naar te luisteren. Een oud stuk weet dus nog steeds mensen uit allerlei lagen van de bevolking te verbinden en samen lol te laten hebben. Voor mij als muzikant is dat ontzettend tof om mee te maken.”

Met hoeveel leden stonden jullie op het podium?
“In totaal waren we met 150 man. Naast het orkest van ongeveer 60 muzikanten hadden we een koor dat uit tachtig personen bestond. Vanochtend zijn we afgereisd en dat is altijd mooi om te zien, want elk jaar zijn er collega’s mee die dit voor het eerst meemaken. Voor het koor was het sowieso een nieuwe ervaring. Ze kennen de verhalen van voorgaande jaren, maar de vraag is toch: gaat het net zo geweldig worden? Na afloop sprak ik met verschillende collega’s en zij gaven aan dat ze deze beelden nooit meer gaan vergeten. We hadden vier solisten. En terwijl wij aria’s spelen, zie je het publiek raven. Dat is onvoorstelbaar. Mensen gaan volledig uit hun plaat.”

Als orkest spelen jullie in de mooiste zalen. Op Lowlands sta je wat meer in de publieke ruimte. Zouden jullie dat niet vaker willen? Bijvoorbeeld ook eens een concert geven op de Grote Markt?
“Dat lijkt ons zeker leuk. Met Groningens Ontzet waren we de afgelopen jaren ook al met een concert in de binnenstad te vinden. Kijk, bij Lowlands zie je dat we er zo langzamerhand bij horen. Het publiek heeft ons omarmd. In principe kun je ons als orkest overal neerzetten: op de Grote Markt, de Vismarkt… Maar het publiek moet je wel weten te vinden. Op een festival als dit lukt dat heel goed, want het was met 20.000 mensen gewoon weer stampvol.”

Zelf ben je geen onverdienstelijk tubaspeler. Twee jaar geleden won je het Zilveren Viooltje en in 2018 won je als eerste tubist het Grachtenfestival Conservatorium Concours. Heb je de hoop dat je vandaag mensen in het publiek warm hebt gemaakt om zelf ook een instrument te gaan bespelen?
“Natuurlijk hoop ik dat. Maar om tot zo’n beweging te komen, ben ik denk ik zelf te kort in beeld geweest. Daarom zou ik het breder willen trekken: er staan 150 mensen op het podium die dit samen doen. Alles is live; er is niks opgenomen. De muziek die je hoort komt op dat moment rechtstreeks uit een instrument. En ja, het zou geweldig zijn als we vandaag zaadjes hebben kunnen planten waarmee we hebben laten zien hoe tof het is om als orkest op een podium te spelen. Mijn vermoeden is ook dat we dit soort optredens in de toekomst vaker gaan zien. In een tijd van AI en robots heb je het hier over cultureel erfgoed dat de kans moet hebben én krijgen om zich te presenteren.”

Smaakt dit naar meer?
“Wat ons betreft wel. Dit mag zeker terug blijven komen. Maar wat ik al zei: dit is een hele bijzondere situatie. Het komt bijna nooit voor dat een act vier keer op rij op het hoofdpodium staat. Dat zegt alles over de waarde, het belang en de manier waarop we het publiek kunnen verbinden. Dit was weer een hele bijzondere editie. We hebben vandaag veel mensen gezien die samen een geweldige tijd hebben gehad, en wij hebben daar ons steentje aan mogen bijdragen. Wij gaan vanavond met een hele grote glimlach op ons gezicht terug naar Groningen.”

Bekijk hier de beelden: