De fractie van de Partij voor de Dieren in de Groningse gemeenteraad is niet blij met het initiatiefwetsvoorstel van regeringspartij VVD in Den Haag om religieuze uitingen bij boa’s landelijk te verbieden. Volgens de Partij voor de Dieren is zo’n verbod juridisch en moreel niet te verdedigen.
“Dit is een absurd voorstel, waarbij de landelijke VVD haar boekje te buiten gaat”, reageert raadslid Ronan van Langen van de Partij voor de Dieren stellig. “Boa’s zijn namelijk in dienst van de gemeente. Dat wil zeggen dat de gemeente de werkgever is van de boa’s en wij dergelijke dingen zelf kunnen beslissen. Een dergelijk verbod op het mogen dragen van hoofddoekjes kreeg eerder al een negatief advies van de Raad van State. Ook het Europese Hof en het College voor de Rechten van de Mens oordeelden negatief. Een dergelijk verbod kan niet, ook omdat het juridisch niet houdbaar is. Het druist in tegen de vrijheid van godsdienst.”
Landelijk VVD-Kamerlid Claire Martens-America denkt daar heel anders over: “Bij een uniform in een seculier land horen geen religieuze uitingen.” In sommige gemeenten, waaronder Tilburg, Utrecht en Den Haag, mogen boa’s nu wel een hoofddoek of keppeltje dragen. Martens-America vindt dit onwenselijk en wil nu landelijke regels vastleggen in een wet. Daarmee volgt het Kamerlid het advies van de Raad van State, die een jaar geleden negatief oordeelde toen het kabinet-Schoof een verbod wilde regelen via een sneller kabinetsbesluit. Een verbod op religieuze uitingen beperkt de grondwettelijke vrijheid van godsdienst, stelde de Raad van State destijds. Zoiets ingrijpends kan alleen via een wetswijziging, zodat ook de Eerste en Tweede Kamer erover kunnen oordelen.
Internationale ervaringen
Agenten en handhavers mogen religieuze uitingen, zoals een hoofddoek, keppel of tulband, al langer dragen in landen met een Angelsaksische traditie, waaronder het Verenigd Koninkrijk, Canada, Australië en de Verenigde Staten.
In Ierland werd dit in 2021 officieel vastgelegd tijdens een grote wervingscampagne om meer minderheden aan te trekken. Hoewel dit daar leidde tot een flinke stijging van het aantal diverse sollicitanten met een niet-Ierse achtergrond – van 12 procent in 2019 naar circa 25 procent in 2025 – is het effect op straat nog klein. Uit cijfers van de Ierse statistische dienst blijkt dat An Garda Síochána door strenge selectieprocedures en lange opleidingen nog altijd voor 98 procent uit wit-Ierse agenten bestaat. Bovendien leidde de maatregel ook in Ierland tot maatschappelijke discussie over de neutraliteit van het uniform.
Volgens Van Langen is de internationale praktijk juist het bewijs dat het kan. “Het mogen dragen van religieuze uitingen is een vrijheid van godsdienst. Wat de VVD hier doet, is het neerleggen van een heel bijzonder voorstel dat rechtsstatelijk en moreel niet te verdedigen valt. Dit onderwerp speelt niet alleen in Groningen, maar ook in andere steden. Dit verbieden, zoals de VVD wil, is juridisch niet houdbaar. Dus wat mijn fractie betreft, is het laatste woord hier nog lang niet over gesproken.”
Meerderheid voor motie
De Partij voor de Dieren staat in Groningen niet alleen als het om dit onderwerp gaat. In het voorjaar van 2024 werd er in de gemeenteraad een motie ingediend die opriep dat boa’s in de gemeente hoofddoekjes en keppeltjes mogen dragen. Van de raadsleden stemden er destijds 28 mee in en 15 stemden tegen.
“Als werkgever van de boa’s kunnen wij beslissen of we religieuze uitingen bij boa’s toe kunnen staan”, vertelde toenmalig raadslid Janette Bosma van de Partij voor de Dieren destijds. “Dat vinden wij belangrijk omdat het in essentie past bij onze partijbeginselen. Mijn partij komt op voor de mensenrechten. Een verbod op het dragen van hoofddoekjes beperkt een groep mensen in hoe ze maatschappelijk mee kunnen doen. Een verbod op het dragen van hoofddoekjes is niet meer van deze tijd. De diversiteit in de samenleving is veranderd en de politiek moet volgen. Daarnaast is het belangrijk dat het boa-korps een goede afspiegeling vormt van de samenleving.” Haar voorstel werd destijds gesteund door onder andere Student & Stad, GroenLinks en de ChristenUnie.
Kritiek
Andere partijen in de Groningse raad, waaronder de VVD, Stadspartij 100% voor Groningen en de PVV, waren destijds juist zeer kritisch op het besluit. Kelly Blauw van de PVV: “Minister Dilan Yesilgöz heeft laten weten dat ze een landelijk verbod op hoofddoekjes bij boa’s wil. De burgemeester was ook niet voor. Ambtenaren staan ook niet te springen. Waarom blijft u maar vasthouden aan het afdraaien van uw eigen linkse ideologische agenda?”
Toenmalig burgemeester Koen Schuiling (VVD) liet destijds weten in een lastig parket te zitten met de aangenomen motie: “Het doel van deze motie is om onze handhavende organisatie inclusiever en diverser te maken. Op dit moment is de samenstelling van het politie- en ook het boa-korps geen goede afspiegeling van de samenleving, en dat is wel wat je wilt. In de regio hebben we dit onderwerp opnieuw op de agenda gezet. Dat is belangrijk omdat onze boa’s ook in andere gemeenten optreden. Staan wij hoofddoekjes toe, hoe zit het dan in andere gemeenten waar de boa’s worden ingezet? Het moet door iedereen omarmd worden. Daarom heb ik ook eerder opgeroepen om mij de tijd te geven.”
In de ijskast
In de herfst van 2024 liet Schuiling de raad uiteindelijk weten de motie vooralsnog niet uit te kunnen voeren. De reden was toen al de Haagse politiek: het nieuwe kabinet-Schoof was van plan om alle religieuze uitingen bij politie en boa’s bij wet te verbieden. De gemeente Groningen had daarop contact gezocht met het Rijk en andere gemeenten. Daaruit werd duidelijk: het kabinet handhaaft het verbod op religieuze uitingen in boa- en politie-uniformen. “Door deze ontwikkeling voelen wij ons genoodzaakt vooralsnog af te wachten voordat we de motie verder kunnen uitvoeren”, sprak Schuiling destijds.
Nu de VVD in Den Haag daadwerkelijk de daad bij het woord voegt en een initiatiefwet indient, is de discussie weer helemaal terug. Wat de Partij voor de Dieren betreft, is hier het laatste woord nog niet over gezegd.
