Er komt definitief geen tijdelijke Gerrit Krolbrug. Dat bevestigt minister Karremans van Infrastructuur en Waterstaat vrijdagmiddag in een brief aan de Tweede Kamer.
De Gerrit Krolbrug werd in 2021 aangevaren. Sinds die tijd kunnen alleen fietsers en voetgangers over de brug. Maar deze tijdelijke hellingbaan en oude loopbrug moeten verdwijnen voor de aanleg van een nieuwe brug. Eind dit jaar of begin volgend jaar start de bouw en die moet tegen 2030 klaar zijn. Tot die tijd moeten fietsers en voetgangers dus een flink stuk omrijden of omlopen via de Noordzeebrug of de Oostersluis.
Ook een pontje of een pontonbrug komt er niet. Volgens de minister zijn die opties onveilig en bieden ze geen oplossing voor de grote aantallen fietsers die dagelijks het kanaal oversteken. De enige haalbare tijdelijke oplossing blijft volgens het ministerie een verbinding via de naastgelegen Busbaanbrug, maar die is volgens Den Haag te duur.
‘Politiek spelletje’
Die laatste optie kwam uit de koker van de Vereniging Bedrijven Noord-Oost (VBNO), die samen met het Platform Gerrit Krolbrug een voorvechtersrol voert in de strijd om een tijdelijke verbinding. “In de brief staat dat de gemeente de eisen voor de nieuwe brug zo hoog heeft gesteld dat de kosten daarom ook erg hoog zijn”, zegt Guus Vries, voorzitter van de Vereniging Bedrijven Noord-Oost (VBNO). “Daarom wil het rijk niet meebetalen aan een tijdelijke brug. Ik vind dit maar een politiek spelletje”.
“Wij hadden een goedkoper plan voor een tijdelijke brug, maar dat plan hebben we nog niet in detail kunnen doorrekenen, omdat zoiets erg duur is”, aldus Vries. “We hadden om een bijdrage van de overheid gevraagd, maar die hebben we niet gekregen.”
Tandenknarsen
“We waren er al bang voor, maar met deze brief is het waarheid geworden”, vervolgt Vries. “We moeten straks tandenknarsend toezien hoe mensen drie of vier jaar flink moeten omrijden. Dat is niet alleen slecht nieuws voor bewoners en omwonenden, maar ook voor de scholen en ondernemers. De ondernemers hebben nu al te maken met flink wat omzetverlies”.
Vries baalt niet alleen van het rijk, maar ook van de gemeente: “Rijkswaterstaat en de gemeente hebben nooit echt de bereidheid gehad om vol voor een tijdelijke brug te gaan. Ze hebben echt een spelletje gespeeld.”