De onweersbuien die zaterdagavond en in de nacht naar zondag over Groningen trokken, waren van een uitzonderlijk niveau. Dat zegt OOG-weerman Johan Kamphuis in een terugblik op de situatie.
Johan, hoe heb jij afgelopen nacht beleefd?
“Ik denk dat, net als ik, heel veel mensen vannacht maar moeilijk de slaap hebben kunnen vatten. Sowieso waren het spannende dagen. Alle factoren waren gisteren aanwezig om dergelijke zware en heftige buien tot ontwikkeling te laten komen. Voor weerkundigen zijn zulke situaties bijzonder: je ziet dat er enorm veel energie in de lucht zit. De grote vraag was hoe het precies zou uitpakken. Welke route neemt het lagedrukgebied dat gisteren over het land trok en de buien veroorzaakte? Als zo’n gebied net over zee trekt, wordt nog meer vochtige lucht het land in gepompt, waardoor de onstabiliteit toeneemt. Dat waren gisteren de grote vraagstukken.”
Wat hebben we gisteren precies gezien?
“Gisteren hebben we twee verschillende buienlijnen zien overtrekken. De eerste bereikte ons in de avond. Het lagedrukgebied dat ik net noemde, wist veel vocht vanaf zee mee te nemen. Omdat er op grote hoogte koelere lucht aanwezig was, terwijl de grond juist warm en vochtig was, ontstond de perfecte cocktail voor forse onweersbuien. Als weerman heb ik zulke extreme situaties niet vaak meegemaakt; dit is echt best wel uitzonderlijk. In mijn directe omgeving zijn bijvoorbeeld vijf huizen getroffen door de bliksem. Dat is ongekend.”
In de nacht naar zondag volgde er een tweede bui…
“Klopt, en die ontstond een heel eind weg: boven Frankrijk, in de buurt van Parijs. Deze bui ontwikkelde zich vanuit een thermisch lagedrukgebied en wist uiteindelijk onze regio te bereiken. Onderweg bleef de bui zichzelf constant voeden met energie. Normaal gesproken draait de wind na een bui vaak naar het westen en wordt vanaf zee koelere lucht aangevoerd. Dat was nu niet het geval. Door de combinatie van koelte op grote hoogte en de warmte en het vocht aan de grond, werd constant olie op het vuur gegooid om deze bui in leven te houden. Je hebt dat misschien zelf ook wel gemerkt: het was afgelopen nacht best wel warm buiten. De nachttemperatuur lag hoog.”
Het ging gepaard met ontzettend veel ontladingen…
“Er was inderdaad veel vuur aan de hemel. Maar ook de neerslaghoeveelheid is het benoemen waard. Tussen 22.00 uur ’s avonds en 06.00 uur ’s ochtends heb ik op de plek waar ik woon maar liefst zestig millimeter regen afgetapt. Dat is normaal gesproken de hoeveelheid die in een héle maand valt. Het was ook juist die tweede bui, die bij Parijs ontstond, die de meeste regen bracht. Mijn straat veranderde tijdelijk in een rivier. De bui ging bovendien gepaard met harde windstoten. Dat is een behoorlijk logisch effect bij zo’n bui: op hoogte is koude lucht aanwezig die bij het passeren van zo’n bui in één klap naar beneden dendert. Qua windstoten was het gelukkig niet zo extreem als vorige week, maar ze waren wel degelijk aanwezig.”
En dan de dag van vandaag. Als je nu naar buiten stapt, is het vooral heel benauwd…
“De luchtvochtigheid ligt nu op 75 procent. Dat is fors. Dit is wat we echt tropenweer noemen, dus je constatering is volkomen juist. Vanmiddag kunnen nieuwe stapelwolken ontstaan en de kans bestaat dat deze lokaal uitgroeien tot een nieuwe regen- of onweersbui. Die kans is gelukkig niet overdreven groot, maar her en der is er zeker wat mogelijk. Dus mocht je vanmiddag het water opgaan: houd een oogje in het zeil. Zie je de wolken écht donkergrijs worden? Ga dan meteen van het water af. We hebben afgelopen nacht allemaal kunnen zien hoe gevaarlijk onweer kan zijn. Het is een weerfenomeen dat we nooit mogen onderschatten.”
Wat brengt het weer ons de komende dagen?
“Eigenlijk kun je zeggen dat de zomer even terugschakelt van de vijfde naar de derde versnelling. De middagtemperatuur ligt de komende dagen rond de 25 graden. Dat is nog steeds hartstikke zomers, maar qua gevoelstemperatuur wel een stuk aangenamer en dragelijker dan wat we de afgelopen dagen hebben meegemaakt. Dus wees gerust: deze buien hebben de zomer absoluut niet uit het zadel gewipt.”