Raad stemt unaniem voor vrouwvriendelijke openbare ruimte: “Vrouwen zijn nog te vaak de kanarie in de kolenmijn”

nieuws
Foto: Joey Lameris - 112groningen.nl

De Groningse gemeenteraad heeft woensdag zoals verwacht unaniem ingestemd met een initiatiefvoorstel om de openbare ruimte in de toekomst ‘vrouwvriendelijker’ en inclusiever in te richten. Het voorstel van D66, ChristenUnie, Partij voor het Noorden en Student & Stad werd met 44 stemmen voor en 0 tegen unaniem aangenomen.

Raadslid Andrea Poelstra van D66 nam het voortouw bij het schrijven van het voorstel: “Sinds we hiermee bezig zijn, heb ik gemerkt dat dit onderwerp enorm leeft. Ook vandaag blijkt dat weer, waarbij verschillende raadsleden hun maidenspeech aan dit onderwerp besteden. Maar eigenlijk is het jammer dat we het hier überhaupt over moeten hebben. De afgelopen periode zijn er veel verhalen gedeeld door vrouwen die zich onveilig voelen; vrouwen die tijdens een reis hun live-locatie delen of continu moeten nadenken over de route om veilig thuis te komen. In het voorstel hebben we een meisje van 16 jaar als metafoor gebruikt, maar dit initiatief gaat uiteindelijk over iedereen. Het gaat over állerlei doelgroepen die zich in onze gemeente veilig moeten voelen.”

In de gemeente lopen al verschillende projecten om de veiligheid op straat te vergroten, zoals de ‘Aanpak Gangen en Stegen’ en het ‘Actieplan Veilig Uitgaan’. Dit nieuwe voorstel richt zich nadrukkelijk ook op de gebieden buiten de Diepenring, zoals het veiliger inrichten van fietsroutes richting Meerstad, Ten Boer, Hoogkerk en Glimmen.

‘Lego-barbie-droomhuis’
Het debat werd gekenmerkt door meerdere maidenspeeches. Dit is de eerste toespraak van een nieuw raadslid waarbij er door andere raadsleden niet onderbroken mag worden. Het werd muisstil in de raadszaal tijdens de persoonlijke bijdrage van Robin Twickler (Volt), die haar eigen ervaringen met toxische relaties en intimidatie deelde aan de hand van een metafoor.

“Mijn ouders gaven mij een genderneutrale naam om gelijke kansen te hebben en lieten me met zowel lego als barbies spelen. Eigenlijk speel ik nog steeds elke dag met lego. Figuurlijk weliswaar: ik bouw heel graag dingen op”, vertelde Twickler. Ze schetste een pijnlijk beeld van hoe een eerdere relatie haar stapsgewijs emotioneel en fysiek afbrak. “Dat is wat er gebeurt als je anderen over je laat beslissen; als andere mensen beslissen hoe jouw lego-barbie-droomhuis eruit moet zien. Mijn toenmalige vriendje maakte grapjes dat vrouwen in de keuken hoorden. Dat was het moment dat de eerste legoblokjes van mijn droomhuis werden afgepakt.”

Twickler vertelde hoe ze later op een feest door een groep jongens werd lastiggevallen en van haar partner te horen kreeg: ‘Dan moet je ook niet zo dansen.’ Uiteindelijk moest ze haar locatie delen en mocht ze haar eigen vrienden niet meer zien. “Die zouden mij sowieso aan de drank en de drugs helpen, dus moest het vriendje altijd mee om ervoor te zorgen dat het goed ging met mij. Opnieuw raakten er legoblokjes kwijt. Uiteindelijk was ik heel goed in het inschatten van situaties. Zo wist ik dat het vriendje het belangrijk vond dat ik het met hem eens was. Dat ik zou lachen om zijn grapjes: want dat is wat je doet in een relatie, vooral niet je partner voor schut zetten. Anders zou ik het wel merken bij thuiskomst. Vaak mentaal en nog vaker fysiek. Hij probeerde mijn droomhuis steentje voor steentje af te breken. Totdat een vriendin de groene grondplaat met puntjes stevig vasthield en mij hielp bij het bouwen van de eerste rij blokjes van een heel nieuw droomhuis. De Robin die nu voor jullie staat, ís dat nieuwe droomhuis. Extra politie en camerabewaking doen een hoop, maar een sociaal vangnet en de vrijheid om je zonder man vrij rond te kunnen bewegen in de wereld, is letterlijk van levensbelang.”

Van ‘jaren vijftig-perspectief’ tot patriarchaat
Ook PRO reageerde enthousiast op het voorstel. Stefanie Bennett: “Dit onderwerp raakt alles waarvoor ik in de politiek ben ingegaan. Het decennialang heersende mannelijke en gezonde perspectief op de inrichting van de openbare ruimte is heel erg jaren vijftig en moet gecorrigeerd worden. Voortaan moeten de perspectieven van inwoners die zich niet altijd veilig voelen centraler staan: vrouwen, mensen uit de queer-gemeenschap, ouderen, maar ook mensen die slecht ter been zijn. Nog te vaak zijn vrouwen de kanariepiet in de kolenmijn.”

Ronan van Langen (Partij voor de Dieren) was blij dat er in het voorstel ook expliciet ruimte is gemaakt voor de natuur, zoals het voorkomen van lichtvervuiling voor vleermuizen bij nieuwe verlichtingsplannen die het veiligheidsgevoel moeten verbeteren. Tegelijkertijd trok hij het maatschappelijke debat breder: “Als queer-persoon word ik soms op straat bedreigd of met eten bekogeld. Wie niet als cisman door onze samenleving wandelt, botst al snel op een springlevend en oer-Hollands patriarchaat. Met dit voorstel gaan we dat patriarchaat niet omverwerpen, maar het is wel een belangrijke stap in het heroveren van de publieke ruimte. Een ruimte die toegankelijk zou moeten zijn voor ons allemaal.”

Handhaving
De rechtse oppositiepartijen stemden weliswaar vóór, maar plaatsten kritische kanttekeningen bij de insteek. Anna Westerhof van Forum voor Democratie vergeleek de problematiek met een brand: “Je hebt drie basiselementen nodig: brandstof, zuurstof en een ontstekingsbron. Met dit voorstel halen we weliswaar één van de elementen weg, maar het neemt de onderliggende maatschappelijke problematiek en de ontstekingsbron niet weg. Maar met een links college moet je roeien met de riemen die je hebt, dus steunen we dit voorstel omdat het in de basis bijdraagt aan een veiligere samenleving.”

Kelly Blauw (PVV) vulde aan: “Veiligheid is een basisrecht. In dit voorstel gaat het met name over vrouwen die slachtoffer zijn, maar er worden ook genoeg mannen en jongens slachtoffer van steekpartijen en zinloos geweld. Wij willen eigenlijk geen vrouwvriendelijkheidstoets, maar een algemene veiligheidstoets. Meer handhaving lost de harde kern van dit probleem op.”

Geen klankbordgroep
Wethouder Rik van Niejenhuis (Wonen) omarmde het initiatief namens het college volledig: “Met dit voorstel wordt stevig neergezet dat we in de toekomst nog meer vanuit de blik van jonge vrouwen moeten gaan werken. We weten uit de praktijk dat als we jonge vrouwen als uitgangspunt nemen bij het ontwerpen van een gebied, bijna alle kwetsbare doelgroepen zich er vervolgens veilig voelen.”

Wel ontraadde de wethouder het instellen van een compleet nieuwe, overkoepelende klankbordgroep zoals in het voorstel wordt geopperd. “Wij denken dat het beter is om dit te borgen in de processen en klankbordgroepen die we al hebben. We moeten het internaliseren en inzichtelijk maken hoe we de vrouwvriendelijkheid in de prioritering van onze projecten hebben meegenomen.” Indiener Poelstra (D66) ging daarin mee, maar hield een slag om de arm: “Mocht achteraf blijken dat dit via de bestaande wegen toch niet goed werkt, dan kunnen we alsnog overschakelen naar een specifieke klankbordgroep.”