Raad koerst af op autoluw Stadspark met ruimte voor sport en evenementen, zorgen bij omwonenden over geluidsoverlast

nieuws
Foto: Jeen de Vos

Het Stadspark moet in de toekomst autoluw en mogelijk zelfs autovrij worden. Hoewel er in de gemeenteraad veel enthousiasme is voor de nieuwe ‘Toekomstagenda Stadspark’, waarin volop ruimte is voor ontmoeting, evenementen en sport, klinkt er vanuit omwonenden en natuurorganisaties kritiek. Zij vrezen dat grote evenementen, extra paden en geluidsoverlast de natuur en leefbaarheid verder gaan aantasten.

“Wat een fijn debat was dit”, zei wethouder Mirjam Wijnja (PRO) van Stadsbeheer aan het einde van de commissievergadering op het Stadhuis. “Wat ik eigenlijk ook wel wist, is hier vanavond bevestigd: iedereen houdt van het Stadspark. Dat komt ook goed naar voren in al die perspectieven, waarbij opvalt dat elke fractie een ander perspectief ziet. Dat geeft tegelijkertijd de schoonheid van het park, maar laat ook de complexiteit zien waarmee we te maken hebben.”

Met de Toekomstagenda, die volgt op het honderdjarig bestaan van het park, wil het college de ambities voor de komende decennia vastleggen. Aan de hand van tien ontwikkelperspectieven, variërend van natuur en rust tot sport, cultuur en het profileren van het park als ‘merk’, wordt gewerkt aan de verdere uitbouw van het park. Het fundament van het plan is een strakke zonering. Daarmee wordt vooraf vastgelegd waar plek is voor rust en biodiversiteit en waar juist reuring, sport en grote evenementen kunnen plaatsvinden. De Toekomstagenda dient als voorbereiding op het concrete Uitvoeringsprogramma Stadspark, dat waarschijnlijk in januari of februari, inclusief begroting, aan de raad wordt voorgelegd.

Natuurbeschermers en omwonenden maken zich zorgen

Wie alleen naar de fracties luisterde, zag een raad die grotendeels op één lijn zat. Insprekers lieten echter een heel ander geluid horen. Ankie Schmidt van IVN Natuureducatie benadrukte de kwetsbaarheid van het gebied: “Wij maken ons grote zorgen om de natuurwaarden die onvoldoende zijn uitgewerkt in de plannen. Het Stadspark maakt onderdeel uit van de Gemeentelijke Ecologische Structuur (GES), wat betekent dat bij elke ontwikkeling de ecologische kwaliteit op peil dient te blijven. Toch zien we dat bij de uitwerking van de tweede fase van het skatepark de natuurwaarden ondergeschikt zijn gemaakt: er is verlichting aangebracht die botst met de belangen van beschermde vleermuizen.”

Daarnaast benoemde Schmidt dat zwaar transport voor evenementen grote schade toebrengt aan de kwetsbare veenbodem, die daardoor ‘veraardt’. “Ook zien we dat het waterstructuurplan nog niet is gerealiseerd, waardoor er veel stilstaand water is. Daarnaast zijn wij absoluut geen voorstander van het aanleggen van een nieuwe fietsverbinding aan de noordzijde van het Stadspark, omdat daarmee het meest waardevolle ecologische deel wordt doorkruist. En tot slot zetten wij onze vraagtekens bij het realiseren van zichtlijnen, waarbij volstrekt onduidelijk is hoe verloren natuurwaarden gecompenseerd gaan worden.”

Ook bij de stichting Stadspark Natuurlijk is men niet te spreken over de koers. Marleen van der Wilk: “Wij maken ons grote zorgen. In de Toekomstagenda staat niets over de geluidsoverlast. Dit jaar zijn er verschillende evenementen geweest waarover een groot aantal klachten binnenkwamen. Dergelijke evenementen hebben ingrijpende negatieve effecten op het park en op de omwonenden. Toch worden omwonenden die lijden onder de harde muziek door de gemeente genegeerd. In de plannen staat nu zelfs dat er meer ruimte moet komen voor horeca waar muziek gedraaid mag worden: zij krijgen negen speciale dagen waarop er vrijwel onbeperkt lawaai mag worden gemaakt.”

Van der Wilk vervolgde: “Daarnaast vinden wij het plan om een pad aan te leggen dwars door het gebied waar nu de Schotse Hooglanders bivakkeren een buitengewoon slecht idee. Dit pad zou nodig zijn om evenementen voor 65.000 bezoekers te kunnen faciliteren, maar hiermee wordt wel een uniek stuk natuur doorkruist. Wat gaat er gebeuren met de Schotse Hooglanders? Daar lezen wij helemaal niets over. Ook zien wij niets in het aanbrengen van strakke zichtlijnen: als alles overzichtelijk wordt gemaakt, wordt het park dodelijk saai. Ons dringende advies is om het park avontuurlijk te houden, met een routestructuur die best verwarrend mag zijn.”

De heer Balsters, inwoner van de wijk Hoornsepark, richtte zich specifiek op de Drafbaan als evenementenlocatie: “De Drafbaan is omgebouwd tot een evenemententerrein met twaalf geluidsdagen per jaar. Uit de plannen blijkt dat die geluidsruimte in de toekomst nog verder verruimd kan worden. Omdat deze geluidsdagen vrijwel allemaal in de zomerperiode vallen, zit je wekenlang elke week in het lawaai. De locatie wordt door de gemeente vergeleken met evenementenlocaties in Nijmegen, Den Haag en Limburg. Maar er is één cruciaal verschil: de Drafbaan in het Stadspark bevindt zich midden in een woonwijk. In de omliggende buurten wonen 22.000 mensen die worden blootgesteld aan enorme geluidsoverlast. Ondertussen zien we dat klachten systematisch worden gebagatelliseerd. Bij het concert van Rammstein werden geluidsnormen van 103 decibel gemeten. Bij 100 decibel riskeer je na een kwartier blootstelling al gehoorschade. Mijn voorstel is om die normen per direct aan te passen, want ze kloppen simpelweg niet.”

Discussie over geluid en tempo

Raadslid Iris Volders van de SP haakte in op de geluidsoverlast en stelde voor om, net als bij een experiment in Amsterdam, te testen met een maximale geluidsnorm van 95 decibel bij concerten. Uit de Amsterdamse proef bleek dat het voor de beleving van bezoekers nauwelijks verschil maakte, terwijl de omgeving aanzienlijk minder overlast ervaarde. Wethouder Mirjam Wijnja gaf aan dat een directe aanpassing nu niet aan de orde is, ook omdat vergunningverlening bij een collega-wethouder ligt. Wel merkte Wijnja op dat de geluidsnormen vastliggen in regelgeving, maar dat grote internationale acts van tevoren specifieke eisen stellen en dat geluid daarin een belangrijk onderdeel vormt van de vraag of ze überhaupt interesse hebben om naar Groningen te komen.

Raadslid Morris Wouters van D66 keek vooral naar de geschiedenis en het gebrek aan daadkracht: “Honderd jaar geleden liet Jan Evert Scholten het Stadspark aanleggen. Bij een snelgroeiende stad horen huizen, maar er moet ook ruimte zijn voor ontspanning en cultuur. Dat was zijn visie en die gedachte is nog steeds uiterst actueel. Wij kunnen ons goed vinden in de plannen, maar balen wel van het gebrek aan snelheid. We zien dat de druk op andere parken in de stad enorm toeneemt: waarom is er niet veel eerder geïnvesteerd in het Stadspark als volwaardig alternatief? In 2021 liet toenmalig PvdA-wethouder Roeland van der Schaaf al weten dat hij snelheid wilde maken met het aanpakken van de verkeerssituatie. Toch is er vrijwel niets gebeurd. Nu ligt opnieuw de vraag voor of we het park autoluw of autovrij willen maken. Waar zijn we de afgelopen jaren mee bezig geweest? Mijn fractie wil tempo maken: er liggen al 711 bladzijden aan onderzoek. Maak het Stadspark snel autoluw, organiseer er grote evenementen met internationale topacts en sta je eigen regels niet in de weg.”

“Geluidsruimte uitbreiden”

Chris van Campen van Student & Stad sloot zich bij die roep om actie aan: “Het Stadspark biedt fantastische mogelijkheden als alternatief voor het Noorderplantsoen, dat in de zomer overvol is. We zien in de Toekomstagenda goede aanknopingspunten, zoals de realisatie van een chill- en barbecueplek, een watertappunt en een permanente zwemvijver. Bij een levendig park horen bovendien evenementen. Ons voorstel zou zijn dat wanneer er een internationale topact naar Groningen gehaald kan worden, dit niet ten koste hoeft te gaan van het reguliere aantal geluidsdagen.”

Dit leidde tot een interruptie van Iris Volders (SP): “Pleit Student & Stad hier nu openlijk voor het uitbreiden van het aantal geluidsdagen?” Van Campen reageerde: “Alleen wanneer er een internationale topact binnengehaald kan worden, zouden er mogelijkheden moeten zijn om de geluidsruimte tijdelijk uit te breiden. Wij willen daar graag onderzoek naar laten doen.”

Zorg over bereikbaarheid, sport en parkeren

Het CDA koos voor een meer sportieve invalshoek. Jint Hoeksema: “In het Stadspark wordt enorm veel gesport: bij de voetbal- en atletiekvereniging, door skaters, hardlopers en zwemmers. Wij denken dat hier nog veel slimmere combinaties mogelijk zijn. SC Stadspark beschikt bijvoorbeeld over een minder validen-toilet dat breder opengesteld kan worden voor parkbezoekers. En Velocitas heeft kleedkamers die prima gebruikt kunnen worden door mensen die een duik nemen in de Springervijver.” Wethouder Wijnja noemde deze suggestie voor slimme samenwerking uitermate interessant.

Het CDA heeft echter grote moeite met de plannen om het park op korte termijn autoluw of autovrij te maken. Hoeksema: “Er komen wekelijks uitspelende sportteams naar het park en er zijn mindervalide bezoekers, terwijl er op dit moment geen redelijke alternatieven zijn. De dichtstbijzijnde bushalte vanaf het voetbalveld is nu vijftien minuten lopen. Ga dat maar eens proberen met een zware tas of een net vol ballen. Er moet eerst gewerkt worden aan goede alternatieven. Pas als dat op orde is, is mijn partij bereid mee te denken over een autoluw of autovrij park.”

Ook de VVD maakte zich hard voor de bereikbaarheid. Fokke Veenstra: “Er ligt nu een parkeerterrein waar op zaterdagmiddag gemakkelijk tweehonderd auto’s staan van mensen die sporten of de kinderboerderij bezoeken. Mijn partij vindt dat die parkeergelegenheid behouden moet blijven.”

Tim van de Vendel van PRO reageerde op die woorden: “Dus de VVD wil dat grote, asfalt-parkeerterrein definitief laten liggen, waardoor het geen waardevol groen kan worden?” Veenstra reageerde: “Wij willen dat het terrein blijft liggen totdat er een volwaardig alternatief is. We willen prima praten over een andere locatie, maar we accepteren geen situaties waarin mensen uit de bus stappen en een kwartier moeten lopen om te kunnen voetballen.”

Iris Volders (SP) opperde daarop om bij het autoluw maken te kijken naar de inzet van pendelbusjes om bezoekers door het park te vervoeren. Morris Wouters (D66) reageerde sarcastisch: “Dat is een ontzettend leuk idee, misschien kunnen we dat ook nog even gaan onderzoeken”, waarbij hij verwees naar de stapel van 711 bladzijden aan reeds bestaand onderzoek. Veenstra (VVD) haakte daar met gelijke munt op in: “U wilt een pendelbusje? Omdat dat zo’n gigantisch succes was in de Oosterstraat? En wat zegt u dan tegen mensen die slecht ter been zijn, of tegen opa’s en oma’s? We kunnen toch beter eerst zorgen voor een goed alternatief voordat we overhaaste stappen zetten?” Volders (SP) relativeerde: “Je kunt uiteraard werken met een systeem van ontheffingen. Bovendien gaat die parkeerplaats morgen echt nog niet weg.”

Zoeken naar balans

Bart Hekkema van de Partij voor de Dieren benadrukte juist de luwte van het park: “Het Stadspark is een prachtige, rustige plek die dient als essentieel tegengewicht voor de drukke binnenstad. Onze fractie wil de rust en natuurkwaliteit koste wat kost behouden. In de agenda zien we daar gelukkig veel goeds voor terug, zoals het versterken van de biodiversiteit en de duidelijke zonering. Ook de koers richting een autovrij park steunen wij van harte.”

Veenstra (VVD) vroeg daarop aan Hekkema: “In 2021 spraken we over autoluw. Nu heeft u het over autovrij. Op welke termijn ziet de Partij voor de Dieren dat voor zich?” Hekkema antwoordde: “We moeten de alternatieven zorgvuldig onderzoeken. Deze Toekomstagenda biedt prima handvatten om het park op termijn volledig autovrij te maken.”

Wouters (D66) interrumpeerde opnieuw: “Er liggen al ruim zevenhonderd pagina’s aan onderzoeken. In deze Toekomstagenda komt het woord ‘onderzoek’ ook nog eens 46 keer voor. Hoeveel meer onderzoek wilt u nog laten uitvoeren?” Hekkema reageerde laconiek: “Dit is een Toekomstagenda, nog geen Uitvoeringsagenda. Die verwachten we begin volgend jaar. Op dit moment steunen wij alle ambities in deze agenda.”

Tim van de Vendel (PRO) noemde het park een absoluut kroonjuweel: “Er liggen enorme kansen én grote uitdagingen. Het is belangrijk om zorgvuldig onderzoek te doen, alle uiteenlopende belangen goed in kaart te brengen en die gegrond tegen elkaar af te wegen.” Wouters (D66) stelde kritisch: “Zes jaar geleden hield uw fractievoorganger precies hetzelfde verhaal. Is er in de tussentijd dan helemaal niets veranderd?” Van de Vendel pareerde: “Zes jaar geleden kon ik in het Stadspark niet skateboarden op een skatepark, ik kon er niet zwemmen in een zwemvijver en er vonden geen grote concerten plaats op de Drafbaan. Met deze visie zetten we een volgende stap, maar we moeten ook erkennen dat het besturen en inrichten van zo’n divers park een ingewikkelde puzzel is.” Wouters vroeg direct door: “Autovrij of autoluw?” Van de Vendel: “Het liefst uiteindelijk autovrij, maar de bereikbaarheid en mobiliteit moeten wel eerst goed geregeld zijn.”

Wethouder krijgt vernieuwd gevoel van liefde voor Stadspark

Wethouder Mirjam Wijnja verdedigde in haar slotwoord nadrukkelijk het voorbereidende onderzoek: “Dat onderzoek is namelijk erg belangrijk. Je moet exact weten waar je het over hebt. Het gaat over historie, maar ook over waardevolle cultuurhistorie. We staan op het punt keuzes te maken die we nooit meer kunnen terugdraaien. Daar moeten we uiterst zorgvuldig mee omgaan. Wat we met dit plan doen, is het park opdelen in duidelijke sfeergebieden. We brengen functies die op het eerste gezicht op gespannen voet staan met elkaar samen in één gebied. En of het allemaal niet sneller kan? De realisatie van de zwemvijver in de Springervijver was echt niet 1, 2, 3 geregeld, maar het is wel een hele grote en belangrijke mijlpaal gebleken.”

Over de verdere uitwerking van evenementen en geluidsnormen gaf Wijnja aan dat daar nog afzonderlijke debatten over zullen volgen. “Ik wil alle ambtenaren, adviesgroepen en betrokken inwoners bedanken voor hun inzet. Zij hebben hier enorm veel energie en liefde in gestoken. Na dit debat ga ik straks naar huis met een vernieuwd gevoel van liefde voor het Stadspark. Dat geeft mij energie om de komende tijd een tandje bij te gaan zetten.”

De fracties van VVD, D66 en Student & Stad kondigden aan tijdens de eerstvolgende raadsvergadering met meerdere moties te komen om het college op specifieke punten bij te sturen.