De gemeente Groningen gaat het aantal omzettingsvergunningen voor studentenhuizen voorlopig niet laten toenemen. De inzet van het college blijft om de komende jaren 1.500 studentenwoningen te realiseren op de Zernike Campus. De binnenstad moet een gemengder beeld krijgen, waar naast studenten ook starters, gezinnen en senioren wonen.
Uit onderzoek van de afdeling Onderzoek, Informatie en Statistiek (OIS) van de gemeente blijkt dat verhalen over het verdwijnen van particuliere huurwoningen meevallen. Hoewel particulieren panden verkopen, worden deze vaak overgenomen door bedrijfsmatige verhuurders. Bij de verkoop van kamerverhuurpanden blijft driekwart behouden als huurwoning voor studenten. Het college ziet in de cijfers dan ook geen aanleiding om het beleid aan te passen of de verkoop van huurwoningen af te remmen.
“Handhavers slepen niemand de straat op”
In de raad reageerde wethouder Rik van Niejenhuis (PRO) van Wonen op de kritiek dat het vergunningenbeleid studenten in de problemen brengt: “Ik heb er best wel moeite mee als er in moties staat dat wij studenten op straat zouden zetten als woningen niet aan de juiste voorwaarden voldoen. Dat is namelijk niet wat er gebeurt. Wij maken geen deuren open om studenten de straat op te slepen. Onze handhavers zijn hele coulante en redelijke mensen. Als er situaties worden ontdekt die niet kloppen, krijgen studenten alle tijd om nieuwe woonruimte te vinden. En voor de duidelijkheid: dat ik dit noem, impliceert niet dat dergelijke situaties zich wekelijks voordoen. Ze komen juist weinig voor. Alleen als er klachten uit de buurt komen, brengen wij een bezoek. We gaan er niet actief zelf naar op zoek.”
Jim Lo-A-Njoe (D66) bracht vervolgens de situatie van studentenhuis De Kluis aan de Oude Boteringestraat op tafel. De tien bewoners moeten hun pand verlaten omdat de gemeente hen juridisch niet als één huishouden beschouwt, ondanks dat zij huren via een woonvereniging. “Technisch is het zo dat studenten niet door de gemeente uit hun woning worden gezet, maar bewoners ervaren het natuurlijk wel zo dat ze hun huis uit moeten”, aldus Lo-A-Njoe.
Van Niejenhuis lichtte toe: “Dat zal inderdaad zo voelen. Maar toen de eigenaar in 2021 bij ons aanklopte en aangaf wat hij wilde doen, hebben wij nee gezegd. Vervolgens is er nog een aantal keren contact geweest waarbij ons antwoord hetzelfde bleef. Toch zijn de plannen doorgezet. En voor de duidelijkheid: er zijn klachten uit de omgeving gekomen, wat voor ons de reden was om te gaan kijken. Vervolgens hebben we de bewoners een redelijke termijn gegeven om te vertrekken. Wat we met ons beleid willen bereiken is een gemengde stad, waar ook gezinnen en ouderen in de binnenstad kunnen wonen.”
Geen voorkeursbehandeling
Verschillende fracties riepen tijdens de vergadering op om weer meer omzettingsvergunningen te verlenen om de kamernood onder studenten te lenigen. Iris Volders (SP) wees dat beslist af: “Ook andere groepen hebben het heel moeilijk om aan een woning te komen. We kunnen niet één groep voortrekken. We moeten eerlijk verdelen en bouwen voor iedereen. Er zijn mooie plannen voor studenten op Zernike. Mijn fractie wil absoluut niet dat studentenwoningen uit de binnenstad verdwijnen, maar meer omzettingsvergunningen uitgeven is een slecht plan, ook omdat de verwachting is dat het aantal studenten niet meer explosief zal groeien.”
Rik Heiner (VVD) richtte zich op de peildatum uit het bestemmingsplan van 2020: “Het aantal mensen dat toen ingeschreven stond, geldt nu als het maximale aantal bewoners dat er mag wonen. In de tussentijd is de basisbeurs heringevoerd. Waar het voorheen financieel niet aantrekkelijk was om je officieel in te schrijven, doen uitwonende studenten dat nu massaal wél. Zo kan het gebeuren dat een huis met acht kamers ineens niet meer zes, maar acht ingeschreven bewoners heeft. En de gemeente zegt dan direct: ‘Ho ho, op de peildatum waren het er zes, dus er moeten twee mensen weg’.”
Andere partijen voelden er niets voor om de peildatum los te laten. Bart Hekkema (Partij voor de Dieren): “Dat nodigt pandeigenaren juist uit om hun woningen verder te vertimmeren zodat er nog meer mensen in kunnen.” Femke Folkerts (PRO) vulde aan: “Wat de VVD wil, is vaak al lang bekend op basis van bouwtekeningen bij de gemeente.” Heiner bestreed dat: “Bij een aantal panden wel, maar in heel veel gevallen is dat helemaal niet vastgelegd.”
Zernike als heilige graal
Robin Twickler (Volt) diende een motie in voor extra onderzoek naar de precieze behoeften op de woningmarkt: “We moeten een betere dataset hebben om beleid te maken dat echt bijdraagt waar vraag naar is.” Wethouder Van Niejenhuis ontraadde die motie: “We doen al heel veel onderzoek naar woonwensen, daar hoeven we geen nieuw onderzoek aan toe te voegen.”
Wieke van Heteren (Student & Stad) toonde zich teleurgesteld over de opstelling van het college: “Het aantal studentenhuizen neemt af door verkoop of door handhaving. Ondertussen is het nog jaren wachten tot er op Zernike woningen staan. De plannen voor Zernike zijn er, maar in plannen kun je niet wonen. Er is voorgesteld om sloop en nieuwbouw beter op elkaar af te stemmen, zodat we niet slopen voordat er iets nieuws staat. Maar dat zien we als de zoveelste pleister die geplakt wordt. Zernike wordt nu als heilige graal gezien, terwijl de rest van de stad op slot zit. Er moet een oplossing komen.”
Verschillende leefritmes
Wethouder Van Niejenhuis benadrukte de balans in de stad: “Het is duidelijk dat dit onderwerp veel fracties aan het hart gaat. Jongeren en studenten maken de stad, maar het karakter van Groningen bestaat niet alleen uit jonge mensen. Er wonen ook gezinnen die een goed leven willen, en mensen die hard werken en op tijd naar bed gaan. Dat geeft soms tegengestelde ritmes. Ik herinner me nog goed hoe voor de verbouwing van het Stadhuis inwoners kwamen inspreken in de raadszaal op de begane grond die vertelden dat ze veel last hadden van studenten in hun wijk.”
Over het versoepelen van de regels voor de VVD was de wethouder helder: “We hebben de peildatum ingesteld als bescherming van de woonwijken. Het effect van verruiming van deze regels kennen we niet. We willen de komende jaren Zernike tot wasdom laten komen om de wijken rond de binnenstad te ontlasten. Als we in die wijken extra studentenwoningen toevoegen, gaat dat direct ten koste van andere doelgroepen die ook een woning zoeken.”
Meetlat in het voorjaar
Toch reikte Van Niejenhuis de raad een handreiking toe: “We kunnen op basis van informatie scherper gaan sturen. We kunnen het aantal omzettingsvergunningen vermenigvuldigen met het gemiddelde aantal kamers per huis. Dat geeft een nauwkeurig overzicht van het aantal studentenkamers en hoe dit zich ontwikkelt. Mijn voorstel is om dit langs een meetlat te houden en hier komend voorjaar bij de raad op terug te komen. Dan staan we stil bij de vraag of we nog voldoende ruimte hebben voor onze studenten.”