Wat er zondagmiddag is gezegd bij het Nationaal Moluks Monument in Rotterdam lag in de lijn der verwachting. Dat zegt Jeffrey Pattiwael uit Hoogkerk. Hij is blij met de excuses van premier Rob Jetten (D66), maar is vooral benieuwd welke concrete vervolgstappen er nu worden gezet.
Jeffrey, jij bent op dit moment zelf in Rotterdam, hè?
“Dat klopt. Ik heb meneer Jetten net niet live horen spreken, want we zijn vanochtend met een groep van zo’n dertig Molukkers uit de noordelijke provincies naar Rotterdam gereisd. Op dit moment lopen we in de richting van het monument, dat straks onthuld wordt. Wat we daar precies kunnen verwachten, weten we nog niet; dat is een verrassing. Maar we hebben de toespraak van de premier onderweg in de bus goed kunnen volgen.”
Jeffrey Pattiwael
De grootouders en de vader van Pattiwael zijn in 1951 naar Nederland gedeporteerd. Via Friesland kwam men in kamp Westerbork terecht, dat om werd gedoopt tot Kamp Schattenberg. Veel Molukse beroepsmilitairen vochten tijdens de onafhankelijkheidsoorlog in Indonesië van 1945 tot 1949 mee aan Nederlandse zijde. Na de oorlog verbood de Indonesische regering hen om terug te keren naar hun geboortegrond: ze werden als landverraders gezien. In 1951 haalde de regering de Molukse mannen en hun families naar Nederland. Eenmaal hier aangekomen werden de militairen ontslagen uit militaire dienst en werden zij onder erbarmelijke omstandigheden gehuisvest.
Er zijn door de premier officiële excuses aangeboden. Wat is je eerste reactie?
“Ik denk dat dit een hele mooie eerste stap is. Maar wat ik wel echt mis in het verhaal, is de politieke geschiedenis die hieraan ten grondslag ligt. Meneer Jetten zegt dat hij kijkt naar wat er in 1951 en daarna is gebeurd. Maar als je de Molukse geschiedenis echt goed wilt begrijpen, dan zul je naar 25 april 1950 moeten kijken. Pas dan begrijp je onze pijn en ons gevoel echt goed. Op die datum werd op het eiland Ambon namelijk de onafhankelijke Republiek der Zuid-Molukken (RMS) uitgeroepen. De Indonesische regering onderdrukte die beweging vervolgens militair. Sinds het verzet daar begin jaren vijftig werd beëindigd, bestaat de RMS-regering in ballingschap in Nederland. Binnen onze gemeenschap is die beweging politiek en cultureel nog altijd van enorme betekenis.”
Jetten zei vanmiddag: ‘Excuses krijgen pas betekenis door de daden die erop volgen.’ Hoe dit eruit moet zien is nog niet in beton gegoten, maar de Molukse gemeenschap krijgt hierin een belangrijke rol…
“Ik denk dat dit hele mooie woorden zijn, het biedt openheid. Het is ook heel goed om de Molukse gemeenschap, en in het bijzonder de RMS-regering in ballingschap, hierbij te betrekken. Zij zijn de rechtmatige woordvoerder. Het hoeft volgens mij helemaal niet zo moeilijk te zijn om hen aan tafel te krijgen. De vraag is alleen in hoeverre de Nederlandse overheid hier écht voor openstaat, en hoe ze omgaan met de rol van Indonesië hierin. Dat ligt politiek natuurlijk heel gevoelig.”
Heb je vanmiddag tijdens de toespraak ook punten gehoord die je écht verrasten?
“Nee, dit was zoals gezegd in de lijn der verwachting. Persoonlijk verwachtte ik er vooraf niet te veel van. Uiteindelijk is het een waardige toespraak geworden en de excuses zijn hardop uitgesproken. Dat is winst. Maar uiteindelijk gaat het om het handelen daarna: het inkleuren en invullen van die excuses. En daar hebben we vandaag natuurlijk nog niks concreets over gehoord.”
Veel Nederlanders hebben deze geschiedenis niet direct paraat. Moet er wat jou betreft ook flink worden geïnvesteerd in educatie?
“Absoluut. Ik denk dat daar een cruciale taak ligt. Zelf geef ik workshops op scholen en ik merk dat het belangrijk is dat de juiste details worden verteld. Waarom hebben we in Nederland eigenlijk een Molukse gemeenschap? Waarom zijn deze mensen hier ooit naartoe gekomen? Dat is een uitgebreide en ingewikkelde geschiedenis die het simpelweg verdient om verteld te worden. Nu is er rond deze excuses veel media-aandacht, maar ik ben heel bang dat die aandacht na de zomervakantie snel weer verslapt.”
Hoe reageren scholen over het algemeen op jouw aanbod voor die workshops?
“Dat is heel wisselend. Sommige scholen ontvangen je met open armen en willen er heel graag invulling aan geven. Maar er zijn ook scholen die de boot afhouden onder het mom van ’te weinig ruimte in het lesprogramma’. Er wordt dan soms letterlijk gezegd dat deze geschiedenis wel heel lang geleden is. Tja… We hebben het over 75 jaar geleden, maar deze geschiedenis is onder ons nog altijd springlevend. Dat blijkt wel uit wat we hier vandaag met z’n allen in Rotterdam doen. Dus wat de Molukse gemeenschap betreft, is hier het laatste woord nog lang niet over gesproken.”