Limburgse Jip rent van Groningen naar Maastricht voor het goede doel

nieuws
Jip in het UMCG (foto: Jip)

530 kilometer hardlopen langs negen verschillende kinderziekenhuizen. De 26-jarige Jip uit het Limburgse Elsloo rent van Groningen naar Maastricht in 18 dagen. Onderweg brengt hij knuffels langs voor de ongeveer 850 kinderen die op dit moment in de ziekenhuizen liggen. De eerste stop was het Beatrix Kinderziekenhuis in het UMCG.

Jip loopt achttien etappes van zo’n 29 kilometer per dag. Hij begon zijn knuffeltocht op dinsdag 9 juni in Groningen. Daar maakte hij maar liefst 85 kinderen blij met een knuffel. “Ik heb ze helaas niet zelf mogen uitdelen, dat deed het ziekenhuispersoneel”, vertelt Jip aan OOG TV. Na afloop stroomde zijn inbox vol met berichten en foto’s van ouders. “Ze gaven aan dat hun kind echt even kon lachen door het knuffeltje en dat zij zelf ook geraakt waren door de boodschap op het kaartje. Dat was natuurlijk fantastisch om te lezen, want daar doe je het uiteindelijk voor.”

‘Zelf chronisch ziek’

Jip is voorzitter en oprichter van LittleChampions. Deze stichting organiseert activiteiten voor chronisch zieke kinderen. Zo brengt de stichting knuffels langs bij kinderen in ziekenhuizen en kunnen kinderen zich aanmelden voor het vervullen van een droom of een mooie herinnering.

Voor de knuffeltocht heeft de stichting een knuffel laten maken van de mascotte: LittleChampion. “Onze mascotte, en dus ook deze knuffels, symboliseren hoe moedig en sterk langdurig zieke kinderen zijn. Voor ons zijn het echte kleine kampioenen”, staat er op de website van LittleChampions.

Jip weet als geen ander hoe waardevol en belangrijk zo’n knuffeltje kan zijn. “Zelf ben ik ook chronisch ziek en lag ik als kind veel in het ziekenhuis. Af en toe waren er van dit soort acties. Het is misschien iets kleins, maar het laat vooral zien dat er mensen zijn die aan hen denken. Juist daarom krijgen zij van ons deze knuffel: omdat wij het belangrijk vinden om dit aan hen te laten weten.”

Slechte ziekenhuisuitslagen

Jip zit inmiddels op dag nummer veertien en is overgestapt op de fiets. Het is hem gelukt om van Groningen naar Leiden te lopen, maar onderweg begon zijn eigen ziekte op te spelen. “Zeker de eerste dagen hardlopen was het fysiek zwaar en moest ik mijzelf er echt wel even aan herinneren waarvoor ik het deed”, vertelt hij. Jip kreeg kreeg steeds meer last van zijn darmen en ontving ook nog eens vervelend bericht: “Ik werd in die eerste dagen gebeld door mijn eigen ziekenhuis dat mijn uitslagen wat betreft darmontstekingen niet goed waren.”

Om de tocht te kunnen afmaken, besluit Jip verder te gaan op de fiets. “Het was een hele teleurstelling dat ik niet meer kon hardlopen. Ik wil graag laten zien, zeker aan deze kinderen, dat je ondanks chronisch ziek te zijn, toch zulke dingen kunt doen. Jezelf kunt uitdagen en grenzen kunt verleggen. Dat valt dit natuurlijk enorm tegen”, vertelt Jip, die een jaar lang trainde. “En los van de uitslag, geeft je lichaam het natuurlijk ook aan alle kanten aan. Ik heb nog steeds last van dezelfde buikpijn en eten gaat moeilijk door de misselijkheid.”

‘De medicatie ligt al klaar’

Inmiddels is Jip al een stuk dichterbij huis. Hij zit op dit moment in Nijmegen en dat betekent dat hij nog maar één kinderziekenhuis te gaan heeft: Het MosaKids Kinderziekenhuis van het Maastricht UMC+. “Ik kijk er wel naar uit om vrijdag te finishen. Dan ben ik trots dat we al die kinderen in die ziekenhuizen een kleine geluksmomentje hebben kunnen geven.”

Vrijdag is de tocht voor Jip klaar, maar dan begint voor hem weer een reeks aan ziekenhuisbezoeken. “Er staat al een echo gepland en er ligt al medicatie klaar bij de apotheek. Die had ik eigenlijk vorige week al moeten ophalen en ermee moeten starten, maar door de tocht gaat dat niet”, vertelt Jip. Hij legt uit dat de medicijnen ook niet goed samen gaan met hardlopen. “Dus de tocht krijgt nog heel even een weekje voorrang op de buikpijn wegnemen.”

Doneren

Op de website van de stichting kunnen mensen nog steeds een knuffel adopteren via een donatie. “Dat betekent dat je zelf geen knuffel ontvangt, maar dat je ons juist de mogelijkheid geeft om deze knuffel bij een ziek kind te brengen.”