‘Vuile was’ hangt buiten bij Hanze om kinder­mishandeling bespreekbaar te maken: ‘Zolang mensen wegkijken, verandert er niets’

Samen met de Hanze hield Stichting Praat woensdagmiddag een ‘Vuilewasmanifestatie’ op de Zernike Campus om aandacht te vragen voor kindermishandeling.

Tijdens de manifestatie in de gingen medewerkers en vrijwilligers van Stichting Praat in gesprek met voorbijgangers. In de Marie Kamphuisborg stond een theatrale opstelling met droogmolens, vuile was en ‘wasvrouwen’ die muzikaal theater verzorgden. Bezoekers konden ervaringen, gevoelens of gedachten over kindermishandeling opschrijven op stukken wasgoed en die ophangen.

De manifestatie op het Zernikeplein was de derde van twaalf acties verspreid over Nederland.  Met de campagne wil Stichting Praat het gesprek over kindermishandeling op gang brengen, omdat het onderwerp nog te vaak moeilijk bespreekbaar is. “Om kindermishandeling beter te bestrijden, moeten we leren er op een meer ontspannen manier over te praten”, vertelt Ted Kloosterboer, directeur van Stichting Praat. “Dat klinkt misschien vreemd bij zo’n zwaar onderwerp, maar zolang mensen verstijven of wegkijken, verandert er niets.’

Jaarlijks worden in Nederland naar schatting ongeveer 119.000 kinderen mishandeld en komt het daarmee veel vaker voor dan mensen denken, aldus Kloosterboer. Ongeveer vijftig kinderen overlijden ieder jaar aan de gevolgen daarvan. Susan Ketner, lector Veilig & Gezond Opgroeien aan de Hanze, vult aan: “We maken plegers en ook slachtoffers tot de ander. Alsof het niet in onze eigen omgeving voorkomt. Maar als minimaal één op de vijfentwintig kinderen mishandeld wordt, en waarschijnlijk zijn het er meer, dan betekent dat dat bijna iedereen iemand kent die hiermee te maken heeft. Misschien zonder het te weten.”

Daarom moeten niet alleen hulpverleners zich uitspreken bij signalen van kindermishandeling, stelt Ketner: “Professionals hebben een belangrijke taak, maar eigenlijk geldt dat voor ons allemaal: leerkrachten, sociaal werkers, buren, familieleden en vrienden. Als samenleving moeten we niet de andere kant opkijken. We moeten erkennen dat kindermishandeling bestaat; pas dan kunnen we leren om het te zien.”