Paardenslagerij Van Dijk stopt: “De mensen ga ik heel erg missen”

nieuws
Tietie van Dijk achter de toonbank van de slagerswinkel. Foto: Erick Bakker

Na 72 jaar valt het doek voor paardenslagerij Van Dijk aan het Damsterdiep. Tietie van Dijk is opgelucht dat de kogel door de kerk is, maar zegt ook het contact met de klanten heel erg te gaan missen.

Hoi Tietie! Waarom gaan jullie sluiten?
“Eigenlijk zou je voor die vraag mijn man moeten hebben, maar die is achter in de slagerij momenteel druk aan het werk. Hard werken hoort ook bij dit werk hè? We werken 80 uur in de week. Gisteravond moesten we om 21.30 uur nog beginnen aan onze avondmaaltijd, en vanochtend liep om 05.30 uur de wekker weer af. Mijn man is nu 69 jaar en ik ben iets jonger. Wij hebben nu zoiets van het is mooi geweest. We hebben helaas geen opvolgers en daarmee komt er dus een einde aan deze slagerij.”

Het is nogal een besluit. Want jullie zitten al ruim zeventig jaar op deze plek …
“Klopt. Het gaat om 72 jaar en drie generaties. Voor zover wij weten is het ook altijd een slagerij geweest. Voor de Tweede Wereldoorlog zat hier op deze plek de Joodse slager Van Gelder. Tijdens de oorlog is deze man door toedoen van de bezetter om het leven gekomen. In 1948 is de opa van mijn man hier begonnen. Het was een periode dat de paardenslagers erg in trek waren. Hier in de omgeving zaten bijvoorbeeld zo’n 15 slagers. In de decennia die volgden groeide de populariteit met vooral de jaren 60 en 70 als hoogtepunt.”

Hoe verklaar je die populariteit?
“Paardenslagers zaten met name in de buurt van de volkswijken. Daar woonden mensen die noeste arbeid verrichtten. Er werden lange dagen gemaakt en de gezinnen waren vaak erg groot. Dus het was belangrijk dat er goed en voedzaam eten op tafel kwam. In paardenvlees zit veel ijzer dus dat was ideaal. In tegenstelling bijvoorbeeld tot de elite die in plaats van naar de paardenslager naar de schapenslager ging.”

Tekst gaat verder onder de foto


De slagerij tijdens de jaren van grote populariteit. Foto: slagerij Van Dijk / eigen collectie

Het bijzondere is dat jullie vandaag de dag nog altijd werken op de manier zoals dat vroeger ging hè?
“Klopt. Bij ons is alles het oude gebleven. Vroeger dan ging de slager naar de veemarkt, kocht daar een aantal paarden en die liepen vervolgens onder begeleiding naar de slagerij waar ze geslacht werden. De Groningse veemarkt is er helaas niet meer. Dit jaar zou mijn man naar de Zuidlaardermarkt gaan om daar paarden te kopen. Die markt ging vanwege de coronacrisis niet door. Dus dat heeft het ook lastiger gemaakt, hoewel de coronacrisis niet de reden is dat wij er mee gaan stoppen.

Kun je ook zeggen dat de populariteit, het aantal klanten, de afgelopen jaren tandende is?
“We zijn nog steeds erg populair en we hebben een groot klantenbestand. Maar het is niet meer zoals in de jaren 60 en 70. De samenleving is ook veranderd hè? Welke mensen verrichten nu nog zware en noeste arbeid? En het aanbod is heel erg anders geworden. In een supermarkt kun je tegenwoordig alles krijgen. Jongeren eten bijvoorbeeld ook heel anders, die kiezen sneller voor een pasta. De mensen die bij ons komen die kennen het van vroeger. Maar zij zijn wel afhankelijk van hun AOW. Sinds de komst van de euro is het allemaal veel lastiger geworden.”

Komende week dan zijn jullie voor het laatst open. Jullie wachten niet tot het einde van het jaar?
“Nee. Het is een hele bewuste keuze ook. Met de Kerst is het altijd ontzettend druk. De geruchten dat wij gaan sluiten doen al een tijdje de ronde in de stad en de afgelopen dagen zien we al dat het erg druk is. Het is nu net zo druk als met Kerst. Drukker dan dit willen wij het niet hebben dus daarom hebben we gezegd dat we in de eerste week van december de deuren gaan sluiten.”

Toch zeg je dat je vooral de klanten heel erg gaat missen …
“Ja. We hebben een ontzettend rijk en gemêleerd klantenbestand. Echte Groningers afkomstig van het Hogeland. Dat was in het begin voor mij wel wennen. Ik had hiervoor een kantoorbaan en dan word je ineens geconfronteerd met het mooie Groningse dialect. Prachtig, maar het betekende ook heel snel moeten scakelen! Maar ook Italianen die in de stad wonen weten ons te vinden. Italianen zijn dol op paardenvlees. Die verorberen maar wat graag een dunne lende van de entrecote, met wat olijfolie en peterselie. Maar ook Arubanen en mensen van Curaçao komen hier graag. Dat ga ik gewoon heel erg missen. De klanten, de gesprekjes. Maar zo heeft alles zijn voor- en nadelen.”

Wat gaat er met de winkel gebeuren?
“Dat weten we nog niet. De kans is klein dat er weer een slager in komt. En natuurlijk is dat jammer. Wij zijn nog de enige ambachtelijke paardenslager in het Noorden. In Haarlem en Utrecht zitten er nog een paar, en die in Arnhem gaat binnenkort ook sluiten. En nu gaan wij ook dicht. Wat er met het pand gaat gebeuren, misschien komt er wel een hoedenwinkel in. Het gebouw is wel wat gedateerd maar het is en blijft een prachtige plek in de stad.”