Is het nieuwe Hoofdstation wel toegankelijk genoeg? CU, CDA en PRO vragen college om opheldering

nieuws
Foto: Andor Heij - Hal hoofdstation

Is het vernieuwde Hoofdstation en busstation voldoende toegankelijk voor reizigers in een rolstoel, met een rollator of een visuele beperking? Of zijn er aanpassingen nodig? Dat vragen de raadsfracties van de ChristenUnie, het CDA en PRO Groningen zich af na een reeks kritische geluiden en meldingen van reizigers.

“De afgelopen weken zijn er verschillende signalen afgegeven over de toegankelijkheid van het stationsgebied”, licht raadslid Peter Rebergen van de ChristenUnie toe. “Zo ontving Discriminatie.nl Groningen meldingen van reizigers die door liftstoringen niet zelfstandig konden reizen en is er een petitie gestart. Ook op sociale media delen gebruikers hun ervaringen. Daarbij worden zorgen geuit over de afhankelijkheid van één enkele lift en over de inrichting van het nieuwe busstation, zoals schuine hellingen en aflopende trottoirs.”

Defecte roltrap

De fracties wijzen ook op de roltrap richting de voetgangerstunnel, die al sinds Koningsdag buiten werking is nadat er een hoogwerker van 1.000 kilo vanaf werd geduwd. Het herstel daarvan duurt nog zeker tot begin volgend jaar. Rebergen: “Dat maakt de situatie extra kwetsbaar. Ook mindervaliden die normaliter de roltrap gebruiken, zijn nu volledig afhankelijk van die ene lift.”

Hoewel de verantwoordelijkheid voor het station verdeeld is tussen spoorbeheerder ProRail, de NS en de gemeente, benadrukken de partijen dat reizigers het gebied als één geheel ervaren. “Beperkingen in het trein- of busdeel hebben direct gevolgen voor de bruikbaarheid van het gehele stationsgebied en voor de mogelijkheid van mensen met een beperking om zelfstandig te reizen.”

Positieve punten en knelpunten

De partijen stippen aan dat er bij de opening ook positieve ervaringen waren: zo oordeelden slechtzienden na een testronde positief en zien rolstoelgebruikers voordelen in de drempelloze ruimte. Toch willen ChristenUnie, CDA en PRO Groningen dat het college een gebruikersevaluatie uitvoert en in gesprek gaat met ProRail, NS en ervaringsdeskundigen om te kijken welke aanvullende maatregelen mogelijk zijn.

Het college heeft doorgaans enkele weken de tijd om de schriftelijke vragen van de raad te beantwoorden.