Advies aan Hoge Raad: veroordeling voor schutter Haddingestraat kan blijven staan

nieuws
Foto: Rick ten Cate - tencatefotografie.nl

De veroordeling van Jarich M., de man die in 2022 André Tromp uit Leeuwarden doodschoot tijdens een vrijgezellenfeest in de Haddingestraat, kan blijven staan. Dat adviseert de advocaat-generaal aan de Hoge Raad in een cassatiezaak, aangespannen door de advocaten van M.

De bewuste dodelijke schietpartij vond plaats op zaterdag 9 juli 2022. Een groep mannen uit Friesland was die avond in Groningen voor een vrijgezellenfeest. De groep kreeg ruzie met M, die eerst wegfietste. Later kwam M.  terug met een vuurwapen en schoot hij vijf keer in de richting van de groep. Tromp werd geraakt en overleed later in het ziekenhuis. Twee andere mannen raakten gewond.

Het gerechtshof in Leeuwarden veroordeelde M. in juni vorig jaar tot vijftien jaar cel. M vond die straf te hoog en zijn advocaat vroeg daarom aan de Hoge Raad om de veroordeling en straf terug te draaien. De advocaat van de verdachte vindt onder meer dat niet bewezen is dat de verdachte het wapen specifiek op een van de slachtoffers richtte. Ook zou niet bewezen zijn dat de schoten dat slachtoffer konden raken.

Maar volgens advocaat-generaal (Diederik) Aben heeft het gerechtshof goed gekeken naar camerabeelden, waarop is te zien dat M. niet alleen achter een busje bleef schuilen voor de vriendengroep terwijl hij de kogels afvuurde. Het hof stelde daarom terecht (zo stelt de advocaat generaal) dat M. bepaald geen geoefende schutter was, maar wist dat meermaals schieten op korte afstand in een smalle steeg ook betekende dat hij mensen kon raken en doden.

M. beriep zich in het hoger beroep van vorig jaar meermaals op zelfverdediging. Volgens M. had de groep hem ingesloten, bedreigd en mishandeld en vreesde hij voor zijn leven. Het hof oordeelde dat daarom overgaan op schieten niet nodig was, omdat hij zelf meermaals weg had kunnen gaan. Maar M. zocht daarentegen zelf de confrontatie op, oordeelde het hof vorig jaar. Ook op dit punt vindt de advocaat-generaal dat het hof een goede beslissing heeft genomen. Advocaat-generaal Aben adviseert de Hoge Raad daarom de veroordeling en de straf van vijftien jaar cel te laten staan.

De Hoge Raad doet naar verwachting op 10 november 2026 uitspraak.