Dit weekend vindt de jaarlijkse Vleermuistuintelling plaats. Iedereen wordt uitgenodigd om tijdens de schemering naar buiten te gaan en vleermuizen te tellen in de eigen tuin of buurt.
De tuintelling werd voor het eerst gehouden in 2019. In ons land gaat het relatief gezien goed met de populatie vleermuizen; tellingen die al sinds de jaren tachtig worden uitgevoerd, laten een stijgende lijn zien. Dit komt onder andere door strenge beschermingsmaatregelen die tegenwoordig in de Omgevingswet zijn vastgelegd. Omdat veel soorten in gebouwen en spouwmuren leven, is een ecologisch onderzoek en een telling tegenwoordig verplicht bij verbouwingen of isolatiewerkzaamheden.
De telling die dit weekend plaatsvindt is belangrijk, omdat daarmee in kaart wordt gebracht waar de vleermuizen precies leven en hoe groot de populaties zijn. Vleermuizen spelen namelijk een cruciale rol in de natuurlijke bestrijding van insecten: een enkele vleermuis eet gemiddeld per nacht zo’n duizend insecten.
“Vleermuizen helpen om de overlast van muggen en motten te beperken”, laat de organisatie achter de telling weten. “Maar ze dragen ook bij aan het in balans houden van insectenpopulaties. Bovendien zijn vleermuizen gevoelige indicatorsoorten. Dit wil zeggen dat veranderingen in hun aantallen veel zeggen over de algehele kwaliteit van onze leefomgeving, zoals de beschikbaarheid van voedsel, schuilplekken en de mate van lichtvervuiling.”
Boombewoners en stadsjagers
In ons land zijn alle vleermuizen wettelijk beschermd. In totaal komen er in Nederland achttien soorten voor. Een aantal daarvan woont in gebouwen en is daarom vaak in onze directe woonomgeving te zien. Er zijn ook soorten, zoals de watervleermuis, die liever in bomen wonen en toch regelmatig boven het water van grachten of vijvers in dorpen en steden jagen. De rosse vleermuis is ook zo’n boombewoner die soms hoog boven een park of tuin op jacht is.
Hoe ga je te werk?
Het advies is om dit weekend in de avonduren, rond zonsondergang, naar buiten te gaan. “De eerste vleermuizen verschijnen ongeveer vijftien tot dertig minuten na zonsondergang. Zoek een plek op met open zicht op de lucht, zoals een tuin, balkon, park of rustige straat. Let vooral op insectenrijke locaties, zoals bij het water, bomen, heggen of straatlantaarns. Zet buitenverlichting bovendien zoveel mogelijk uit: vleermuizen mijden fel licht.”
Om te helpen bij het determineren van de gespotte vleermuis, heeft de Zoogdiervereniging een zoekkaart gemaakt die je hier kunt bekijken. “Zie je een vleermuis? Noteer het aantal en het tijdstip en laat op de website van Tuintelling.nl weten hoeveel je hebt geteld. Ook als je niets ziet, is dat waardevolle informatie. Het helpt om een compleet beeld te krijgen van waar vleermuizen wel en niet voorkomen.”