Column Benno de Jongh | Amsterdamse toestanden

column

Het is druk in de Groningse binnenstad en het wordt nog veel drukker. Het is nog niet zo vol als in Amsterdam, waar je struikelt over de toeristen en vervolgens wordt aangereden door een Brabander op een fatbike die drie jaar in de hoofdstad woont en je in z’n beste plat-Amsterdams verrot scheldt. Nee, zo erg is het hier nog niet. Maar druk is het wel.

Volgens een rapport van de gemeente stijgt het inwonertal de komende jaren in rap tempo. In 2029 wonen er minstens 250.000 mensen in Groningen, zo is de verwachting. In het rapport valt te lezen dat de instroom van buitenlandse studenten en andere immigranten de belangrijkste oorzaak is van de stijging.

De eerste conclusie die je daaruit kan trekken is dat het rapport weinig vertrouwen heeft in minister Robbert Dijkgraaf van Onderwijs, die onlangs een oproep deed aan universiteiten en hogescholen om te stoppen met het actief werven van buitenlandse studenten. Dijkgraaf zei daarnaast in februari met een pakket aan voorstellen te komen om de instroom van internationale studenten te beperken. De schrijver van het rapport behoort blijkbaar tot de tachtig procent van Nederland die niet al te veel vertrouwen meer heeft in de beloftes van het kabinet.

Want je hoeft allang geen cynicus meer te zijn om te denken dat ook op het dossier van de buitenlandse studenten er weer een vaag en onsmakelijk Haags compromis uit zal rollen, zeker zo vlak voor de Provinciale Verkiezingen. Het resultaat van het beleidsvoorstel kunnen we nu al uittekenen: het aantal buitenlandse studenten zakt met een paar procent en het kabinet kan zeggen dat het resultaat heeft geboekt, ‘al is het nog niet zoveel als we hopen en daarom doe ik nog een oproep aan universiteiten…’

Voor de instroom van asielzoekers, die na een paar jaar vrijwel allemaal veranderen in statushouders, geldt ongeveer hetzelfde. Ook op dat vlak grossieren politieke partijen in loze beloftes. Ze zeggen nu echt iets te gaan doen aan de instroom of – aan de andere kant van het politiek spectrum – dat we in dit land best alle asielzoekers kunnen opvangen. De ene belofte is nog ongeloofwaardiger dan de andere.

De drukte in de Groningse binnenstad is vervelend, maar nog lang niet zo’n groot probleem als het tekort aan woningen. En laat het nou juist ook de groep van statushouders zijn die voorrang krijgt op de sociale huurwoningen. Want door de wet van het ‘passend toewijzen’ gaat 95 procent van de woningen naar de groep mensen met zeer weinig inkomen. Tot deze groep behoren naast statushouders ook mensen met een uitkering én mensen die rechtstreeks uit instellingen komen, vaak met een psychiatrische aandoening.

Passend toewijzen komt voort uit een nobele gedachte, want mensen met weinig geld wil je als maatschappij graag helpen. En mensen met een psychiatrische aandoening gun je een succesvolle re-integratie in de maatschappij. Echter, politieagenten, verplegers en bouwvakkers moeten daardoor nog langer wachten op een woning. Want ondanks dat die beroepsgroepen ook onder modaal verdienen, staan ze helemaal achter in de rij. En het is nou ook niet zo dat ze gemakkelijk op de particuliere markt iets kunnen vinden, tenzij ze bereid zijn maandelijks de helft van het salaris bij de verhuurder in te leveren.

De wachttijd voor een woning voor ‘de gewone man of vrouw’ is officieel vijf en een half jaar. Voor gezinnen is dat zelfs zeven tot negen jaar. De verwachting is bovendien dat woningcorporaties zoals Lefier, die verantwoordelijk zijn voor de toewijzing van de sociale huurwoningen, volgend jaar twee keer zoveel woningen moeten toewijzen aan statushouders als in het afgelopen jaar. Ook in Groningen is het geen illusie dat mensen binnenkort tien jaar moeten wachten op een woning en dus om die reden in Assen, Hoogezand of aan de andere kant van het land gaan wonen. Amsterdamse toestanden dus.

Je hoeft geen socioloog te zijn om in te zien dat dit de sociale cohesie niet ten goede komt in wijken zoals de Korrewegwijk. Daar wonen steeds vaker mensen die direct uit instellingen komen. Hun buren zijn dan bijvoorbeeld statushouders die vaak traumatische ervaringen hebben opgelopen. Politieagenten en verplegers zijn er amper te vinden, behalve als de boel echt uit de hand loopt, dan mogen ze komen opdraven. Het is een recept voor onrust en dat blijkt ook uit de drastische toename van het aantal meldingen van incidenten bij zowel de politie als Lefier.

Het is een vorm van segregatie. Er wonen simpelweg te veel mensen op een kluitje die verward gedrag vertonen. En dan wordt er ook nog eens bezuinigd op sommige onderdelen van de zorg, zoals op de begeleiding van mensen die uit psychiatrische instellingen komen en voor het eerst in jaren op zichzelf gaan wonen. Hoewel in Utrecht, Amersfoort en Horst aan de Maas moord en brand geschreeuwd werd toen tientallen statushouders voorrang kregen op een sociale huurwoning, gebeurt dit in de praktijk dus allang overal.

Voorrang geven aan bepaalde groepen is niet alleen funest voor sommige wijken, maar ook voor de rest van de stad. Als politieagenten en verplegers geen woning meer kunnen vinden, wie moet dan de bevolking, die bovendien rap in aantal groeit, verzorgen en veilig houden? En de kans dat Hugo de Jonge, minister van Mondkapjeszaken en IJdeltuiterij, zijn belofte nakomt van honderdduizend nieuwe woningen per jaar, is verwaarloosbaar.

Politici verschuilen zich vaak achter de woningcorporaties. Maar ze zullen actief aan bevolkingspolitiek moeten gaan doen. Geen keuze maken is in dit geval ook een keus. Dan kan je als politicus, lokaal of landelijk, praatjes blijven houden over het belang van agenten en verplegers, en over de veiligheid op straat, maar dat is dan volstrekt ongeloofwaardig. Dus zeg het maar, meneer of mevrouw de politicus. Kiest u voor een quotum op het aantal buitenlandse studenten per universiteit? Kiest u voor een asielstop? Of vindt u dat mensen die verward gedrag vertonen langer in instellingen  moeten blijven dan misschien nodig is?

Het is kortom hoog tijd dat met name de politieke middenpartijen, die altijd roepen dat politici op de vleugels geen oplossingen hebben, gaan kiezen. Want je hoort het gejammer al wanneer straks de volgende premier Wilders of Van der Plas heet.

Benno de Jongh is freelance journalist, onder meer bij RTV Noord en voor verschillende schaakwebsites en -bladen. Benno schrijft wekelijks een column over een relevant onderwerp uit de gemeente Groningen. Heb jij een goed onderwerp waar Benno aandacht aan moet besteden? Of wil je iets kwijt over de columns? Stuur dan een mail naar benno@oogtv.nl

Deel dit artikel: