Op 7-jarige leeftijd kwam Pierre Semudenge als zwaar getraumatiseerd vluchtelingenjongetje vanuit Rwanda naar Nederland. Hoe hij via opvangcentra en het Groningse Ezinge uitgroeide tot talent bij FC Groningen en speler van Be Quick, beschrijft hij in zijn boek ‘Het regent, maar ik word niet nat’. In het radioprogramma OOG Sport vertelt Semudenge openhartig over zijn vlucht, zijn veranderende identiteit en de bevrijdende kracht van een bal.
Sinds deze week ligt zijn boek officieel in de winkels. Een bijzonder moment voor de 32-jarige Groninger. “Ik was begin deze week bij de uitgeverij in Amsterdam en mocht de eerste exemplaren signeren”, vertelt Semudenge. “Toen ik het boek voor het eerst fysiek vastpakte, werd ik er stil van. Het is heel bijzonder om wat ooit een gedachte was, ineens vast te kunnen houden. Het is een verhaal dat ogenschijnlijk over mij gaat, maar het is zoveel groter.”
“Toen regende het ineens meer dan regendruppels”
In het boek speelt het begrip ‘regen’ een centrale rol. Semudenge: “Regen gaat ook over identiteit: wie je denkt dat je bent en welke labels daaraan hangen. Als ik denk aan mijn geboorteland Rwanda, zie ik een prachtig, kleurrijk landschap voor me met bananen- en mangobomen, heuvels en een terracottarood gekleurde aarde. Als het regende, stormden we als kinderen naar buiten om in de plassen te stampen. Je kunt dat in Nederland vergelijken met wanneer er sneeuw valt en iedereen de straat op gaat om te sleeën. Regen betekende feest.”
Dat veranderde abrupt op 6 april 1994, toen het vliegtuig van de Rwandese president uit de lucht werd geschoten. “Dat was de druppel die de emmer deed overlopen. Er was al enorm veel spanning en wantrouwen. Buren die de avond ervoor nog gezamenlijk koffie dronken, stonden ineens tegenover elkaar. Het was het startsein van de genocide die op 7 april begon. Vanaf dat moment regende het ineens meer dan regendruppels. Mijn familie sloeg op de vlucht op zoek naar veiligheid.”
Van kind naar vluchteling
Er volgde een zware tocht van zeven jaar, waarbij het gezin het Kivumeer overstak en in een opvangkamp in Congo belandde. “Zonder dak boven je hoofd en zonder fatsoenlijke sanitaire voorzieningen. Ondertussen veranderde mijn identiteit: van kind werd ik een vluchteling. We werden aangevallen en het regende letterlijk kogels. Na zeven jaar zwerven kwam ik uiteindelijk als zwaar getraumatiseerd jongetje in Nederland terecht.”
Die zeven vluchtjaren vormden de basis van zijn verdere leven, merkte Semudenge later. “Alles wat ik heb meegemaakt heb, neem ik mee. Jaren later komt dat tot uiting door spanningen in je lijf die je niet goed kunt verklaren. In Nederland beland je vervolgens in een prestatiegerichte maatschappij waar de klok regeert en je jezelf snel voorbijloopt. Ineens kreeg ik nieuwe stempels: van vluchteling werd ik asielzoeker, en ineens was ik ‘zwart’. Dat doet wat met je. Ook omdat ik mij daar eerst helemaal niet bewust van was.”
Cultuurshock
Via het azc in Winsum kwam het gezin terecht in Ezinge. Het contrast met zijn oude leven kon niet groter zijn. “Ik wist niks van Nederland en was nog nooit naar school geweest. Van een zonovergoten, onveilig land kwam ik in een superveilig land, waar wel aardbevingen voorkomen. Ezinge was een enorme cultuurshock, ook voor de inwoners. Het was een klein dorp en men wist niet goed wat ze met ons aan moesten. Tijdens Oud en Nieuw werd er vuurwerk tegen onze ramen gegooid, terwijl dat bij andere inwoners niet gebeurde.”
Op school kon Semudenge aanvankelijk niet lezen of schrijven omdat hij de Nederlandse taal niet machtig was. Maar naast het Nederlands bleek er nog een taal te zijn. Dat werd Semudenge duidelijk toen hij bij de plaatselijke voetbalclub ging voetballen: “Bij VV Ezinge vond ik een taal die we allemaal spreken. Ik was enorm snel en behendig. Zeven jaar lang had ik gerend op zoek naar veiligheid. Nu kon ik opnieuw rennen, maar dan met een bal aan de voet. Dat werkte bevrijdend. Rennen en zweten was nu voor het plezier.”
“Hij is van ons, van de FC”
Zijn talent op het veld viel op en maakte indruk. “Iedereen wil winnen. Hoe meer wedstrijden we wonnen, hoe meer ik gewaardeerd en geaccepteerd werd. Voetbal werd de brug om erbij te horen. En helemaal toen ik werd gescout door FC Groningen.”
Voor de jonge Pierre had de naam FC Groningen aanvankelijk geen enkele lading. “Ik wist niet wat de FC was en had nog nooit van Ajax of Feyenoord gehoord. Ineens reed er een busje met FC Groningen-logo’s door Ezinge om mij op te halen voor de training. Dat maakte enorme indruk in het dorp. Ineens veranderde mijn identiteit opnieuw: ik was niet meer de vreemdeling, maar ‘de jongen uit Ezinge die bij de FC speelt’. Hij hoort bij ons.”
Voetbal als therapie
Het voetballen hielp hem bij het verwerken van zijn opgelopen trauma’s. “Voetbal was voor mij een uitlaatklep, een manier om me te bewijzen, maar bovenal een vorm van therapie. Door het rennen gebeurde er iets in mijn brein waardoor ik even niet aan de trauma’s dacht.”
Zijn voetbaltalent bracht hem van de jeugdopleiding van FC Groningen uiteindelijk naar avonturen in de Verenigde Staten en Roemenië, waar hij opnieuw te maken kreeg met vooroordelen en racisme: van apengeluiden vanaf de tribune tot onterechte politiecontroles.
Tegenwoordig gebruikt Semudenge, die inmiddels rechten en politicologie studeerde en vier talen spreekt, zijn levenslessen als spreker en Dream Coach. Hij helpt talentvolle sporters en professionals om mentaal, fysiek en emotioneel te groeien. “Het gaat erom of je toelaat dat een stempel bepaalt wie je bent, of dat je zelf kiest wie je wordt.”
Luister hieronder naar het gesprek: