Voorlopig geen 100 meter op World Cups voor De Boo: ISU test sprintafstand eerst bij junioren

sport
Foto: Rieks Oijnhausen

Langebaanschaatser Jenning de Boo hoeft zich voor het komende schaatsseizoen nog niet op te maken voor de 100 meter tijdens World Cup-wedstrijden. De kortste afstand keert weliswaar terug op de kalender, maar de internationale schaatsunie ISU test het onderdeel komend seizoen eerst bij de junioren.

Afgelopen zomer leek het er nog op dat de ISU de sprintafstand wilde introduceren bij een of twee World Cup-wedstrijden. Thialf in Heerenveen leek daarbij de primeur te krijgen, omdat tijdens die wereldbekerwedstrijd de 500 meter maar één keer op het programma zou staan. Het idee was om negen sprinters te laten starten op de 100 meter, waarbij zij zich konden kwalificeren op basis van hun openingstijden op de 500 meter bij de eerste twee World Cup-wedstrijden.

Nu het seizoen nadert, heeft de ISU de plannen voor de senioren voorlopig in de koelkast gezet. De afstand wordt eerst getest bij juniorenwedstrijden. Pas daarna wordt geëvalueerd of en hoe de sprint terugkeert op de kalender bij de wereldtop.

Inspiratie door De Zilveren Bal

Nieuw is de 100 meter overigens niet. Tussen 2002 en 2009 stond de afstand al eens op de wereldbekerkalender, al werden de ritten destijds zelden uitgezonden op televisie. Dat het onderdeel weer serieus wordt overwogen, is grotendeels te danken aan het succes van De Zilveren Bal. Bij dit jaarlijkse sprintspektakel in de Elfstedenhal in Leeuwarden draait alles om de 100 meter. De laatste editie werd bij de vrouwen gewonnen door Dione Voskamp. Bij de mannen was de Kazach Yevgeniy Koshkin oppermachtig met een tijd van 9,47 seconden. Een jaar eerder klokte hij zelfs 9,40.

“Het toevoegen van een 100 meter zorgt voor puur spektakel, dat zie je wel bij De Zilveren Bal”, zei De Boo eerder al voor de camera van Schaatsen.nl. “Ik snap heel goed dat de ISU naar zoiets zoekt. Bovendien biedt het extra medaillekansen. Als ik mag starten, doe ik zeker mee.”

Toch plaatst de Groningse sprinter ook een kanttekening: “Een extra afstand mag absoluut niet ten koste gaan van de afstanden die ik nu rijd. Met de 500 meter, de 1000 meter en de teamsprint ben ik supertevreden. Eerlijk is eerlijk: ik ben niet de man van de pure opening; ik moet het echt hebben van mijn rondje. Maar voor de echte 500-meterspecialisten is dit natuurlijk een prachtige kans.”

Twijfels

Femke Kok is een stuk minder enthousiast. Zij waarschuwt dat de mogelijke introductie van de 100 meter niet mag betekenen dat de reguliere 500 meter weer wordt ingekort. Sprinters hebben er jarenlang voor moeten vechten om de 500 meter bij de meeste World Cups weer twee keer per weekend te mogen rijden, een besluit dat volgens Kok het niveau enorm omhoog heeft gestuwd.

Daarnaast waarschuwt de Friezin voor overbelasting. “Iets toevoegen gaat altijd ten koste van iets anders. De meeste sprinters rijden naast de 500 meter ook al de 1.000 meter. Misschien is het beter om die 100 meter gewoon in te bouwen in de 500 meter, door na afloop een extra klassement op te maken voor de snelste openingen.”

Het wereldrecord op de 100 meter bij de vrouwen staat al sinds maart 2009 op naam van de Duitse Jenny Wolf, die destijds in Salt Lake City 10,21 seconden klokte. Bij de mannen is Yevgeniy Koshkin de absolute koning op de kortste afstand. Hij zette in maart 2025 een tijd neer van 9,31 seconden op het ijs van Astana.