Het leven gaat niet altijd over rozen. Maar de aanhouder wint. Twee gezegdes die beide opgaan voor Anna Abbring uit de stad. Twaalf weken geleden kreeg de eigenares van kledingwinkel Mancave050 aan het Akerkhof plotseling te horen dat ze haar pand moest verlaten. Het was de zoveelste tegenslag voor de onderneemster, die door collega’s ‘strijder’ wordt genoemd. Maar na bloed, zweet en tranen gloort er weer licht aan de horizon, dit keer in de Oosterstraat.
Anna, eigenlijk begint deze hectische rit een tijdje terug…
“Dat klopt. Ik ben met mijn kledingwinkel destijds begonnen in de Zwanestraat. Maar die straat werd naar mijn gevoel minder levendig, dus ik wist dat ik ergens anders heen moest. Zo kwam ik terecht in een pand aan het Akerkhof. Maar na ongeveer negen maanden kwam de verhuurder langs met de mededeling dat een grote winkelketen zich had gemeld voor het pand. Omdat ik een flexibel huurcontract had, moest ik er binnen vier weken uit. Tja, zo gaan die dingen in de vastgoedwereld. Ik wil trouwens geen verkeerd woord horen over de verhuurder, hoor; het is uiteindelijk allemaal heel netjes met elkaar opgelost.”
Jij runt met Mancave050 een opvallende zaak. Wat verkoop je precies?
“Anders dan de naam misschien doet vermoeden, zijn bij mij ook vrouwen meer dan welkom. Ik bied een wisselend assortiment van hoogwaardige merkkleding en designeroutfits aan voor schappelijke prijzen. Mijn doel is om kwaliteitskleding toegankelijk te maken voor mensen met een minder grote portemonnee. Denk aan merken zoals Dsquared2, MyBrand en Fred Perry.”
Maar door die huuropzegging stond je wel ineens met de rug tegen de muur…
“Ik heb het nieuws eerst even twee weken laten bezinken. Want wat nu? Toen dacht ik: en nu moet er écht wat gebeuren, want toen had ik nog maar twee weken. Ik ben simpelweg door de binnenstad gaan lopen om te kijken welke panden er leeg stonden. In de Oosterstraat viel mijn oog op nummer 16, pal naast The Smooth Brothers. Die jongens kende ik nog uit de Zwanestraat, dus ik vroeg hen om een seintje te geven als ze activiteit zagen. Toen ik een paar dagen later weer langsliep, was het rolluik van het pand halfgesloten. Ik ben er letterlijk onderdoor gekropen, naar binnen gegaan en het gesprek aangegaan met de eigenaren.”
Tekst gaat verder onder de foto’s:


Ik kan me voorstellen dat ze zich kapotschrokken?
“Haha, ja! Ze vroegen zich direct af hoe ik wist dat het vrijkwam. Ze wilden het pand eigenlijk pas na de herfst verlaten, maar we konden ter plekke hier een mouw aan passen. Alleen had ik op dat moment nog maar anderhalve week over voordat ik mijn oude pand uit moest. Ik heb de Groningen City Club ingeschakeld en zij hebben contact gezocht met de makelaar, die op dat moment nét op vakantie bleek te zijn. In de allerlaatste week kreeg ik hem op maandag te pakken, dinsdag hebben we gekeken, woensdag leverde ik de documenten aan en die maandag erop tekende ik het contract. In de tussentijd begon de tijd steeds meer te dringen. Terwijl het contract nog niet was getekend, ben ik alvast maar begonnen te verhuizen. Gelukkig gaf de eigenaar aan het Akerkhof me gelukkig nog een paar dagen respijt om de spullen over te hevelen.”
En toen moest de winkel in de Oosterstraat nog volledig worden ingericht…
“Ja, dit hele verhaal speelde rond eind maart, begin april. Ik ben keihard aan de slag gegaan. Ik had geen budget voor een aannemer, dus ik heb vrijwel alles in mijn eentje gedaan: sausen, behangen en de inrichting. Inmiddels ben ik al een beetje open voor een ‘stille verkoop’ om warm te draaien. Andere ondernemers uit de straat zeiden al gekscherend tegen me: ‘Als jij dit jaar niet wordt uitgeroepen tot Gronings ondernemer van het jaar, dan weten wij het ook niet meer’.”
Het ondernemerschap is voor jou sowieso een bijzondere stap, want je bent er pas later in gerold…
“In 2012 ben ik gescheiden. Ik ben toen van Heerenveen naar Groningen verhuisd en moest rondkomen van de Voedselbank. Dat was een loodzware tijd. Omdat ik in gemeenschap van goederen getrouwd was, kwamen alle schuldeisers bij mij aankloppen als mijn ex niet betaalde. Ik moest rondkomen van 35 euro per week. Ik stond er hier in de stad helemaal alleen voor; ik heb geen partner en geen kinderen. Totdat oud-FC Groningen-voetballer Kurt Elshot op mijn pad kwam. Hij opende in 2018 kledingzaak House of Chambers en met toestemming van het UWV kon ik daar aan de slag.”
Hoe was die omslag voor jou?
“Heel bijzonder. Ik ben zelf altijd kickbokser geweest, dus ik dacht eerder aan een baan als assistent-trainer in die wereld. Maar het werken in de kledingzaak bleek zó ontzettend leuk. Mensen blij maken, het contact met verschillende klanten; het paste me als een jas. Op een gegeven moment dacht ik: dit kan ik zelf ook. Soms heb je in het leven net even dat ene duwtje in de rug nodig van de juiste mensen. In mijn geval waren dat de eigenaren van de Bagels & Beans hier in de stad. Zij zeiden tegen me: ‘Anna, jij hebt de vaardigheden en het talent. Je bent transparant en je lost problemen op. Waarom begin je niet voor jezelf?’ En voilà! Maar toen was ik wel 58 jaar oud. Dat is vaak een leeftijd waarop je niet meer aan zulke avonturen begint.”
Inmiddels zit je alweer op je derde locatie in Groningen. Is de Oosterstraat de definitieve plek?
“Hier hoop ik voorlopig wel even te blijven, haha! Wat ik heel gaaf vind aan het nieuwe pand is mijn Engelse ‘hemelbar’. Dat is de plek waar klanten afrekenen, de toonbank dus, maar tegelijkertijd is het een bar waar je gezellig een kop koffie of thee kunt krijgen. Ik vind dat dat erbij hoort. Als je mooie kleding hebt gekocht, is het toch heerlijk om nog even na te genieten met een drankje? Je moet je als ondernemer durven onderscheiden. Dat is belangrijk.”
Aankomende dinsdag, 9 juni, is de officiële opening. Dat wordt een dubbel feest, toch?
“Klopt! Dinsdag ben ik van 11.00 tot 17.00 uur geopend om de officiële opening van de winkel te vieren. Iedereen is van harte welkom om een kijkje te komen nemen. De eerste reacties van deze week hebben me gelukkig al enorm gerustgesteld. Mensen zijn positief over de inrichting. En het leuke is: aanstaande dinsdag ben ik ook nog eens jarig! Het wordt dus echt dubbel feest. Ik ben ontzettend blij met deze fantastische stek en hoop een mooie, betekenisvolle bijdrage te kunnen leveren aan de Oosterstraat.”
