Ten Post heeft het de afgelopen jaren zwaar voor de kiezen gekregen. Nog steeds zorgt het versterkingstraject ten gevolge van de aardbevingen voor diepe kloven, maar het dorp laat ook zien veerkrachtig te zijn. Maandag werd er voor het eerst sinds jaren weer Koningsdag gevierd. Volgens voorzitter Bernard Elzes van de dorpsvereniging is het een initiatief dat naar meer smaakt.
Bernard, hoe is het maandag gegaan?
“Het was ontzettend leuk en gezellig. De opkomst was goed; veel dorpsgenoten zijn even langsgekomen. De festiviteiten vonden plaats bij de kerk aan de Jan Zijlstraat. Het was erg gezellig waarbij er volop bijgepraat is. Onze schatting is dat er zo’n honderd mensen bij de festiviteiten aanwezig waren. Ten Post is een klein dorp met zo’n achthonderd inwoners, dus dan kun je spreken van een mooie en goede opkomst.”
Hoe zag jullie programma eruit?
“Het begon met het hijsen van de Nederlandse driekleur. De plannen om Koningsdag te organiseren zijn in zekere zin laat van de grond gekomen. Het was mooi geweest om bij dit moment een fanfare of harmonieorkest te hebben, maar dat bleek op die termijn niet meer mogelijk te zijn. Uiteindelijk heeft iemand die elektrische gitaar speelt het Wilhelmus ten gehore gebracht. Nu heb ik me laten vertellen dat in Dokkum, waar de koninklijke familie op bezoek was, het Friese volkslied op die manier ten gehore werd gebracht. Dus eigenlijk zijn we in Ten Post ‘super hip’. Daarna was er voor iedereen koffie en ‘Ten Poster-oranjekoek’, en vond er een kleine vrijmarkt plaats, waarbij er ook een springkussen was.”
Tekst gaat verder onder de foto:

Hoe werd er gereageerd op het initiatief om weer Koningsdag te organiseren?
“We hebben alleen maar positieve reacties gehoord. Vroeger werd het in het dorp ook gevierd. Er werd bijvoorbeeld een verhaal verteld dat lang geleden altijd een straat geblokkeerd werd waar de vrijmarkt gehouden werd. Maar de aardbevingen, de schade aan de woningen en de hersteloperatie die nu volop gaande is, heeft de harmonie in het dorp veranderd. Stress, zorgen en onzekerheid. Een deel van de inwoners woont nu bijvoorbeeld in wisselwoningen even buiten het dorp. Straten waar mensen jarenlang samenleefden: het is uit elkaar gehaald.”
Eigenlijk zeg je dat door al die stress er weinig reden was om een feestje te vieren…
“Klopt. En ook de toegenomen mobiliteit speelt natuurlijk een rol. Het is tegenwoordig heel makkelijk om naar Groningen of naar Bedum te gaan om daar Koningsdag te vieren. Maar dat is niet in je eigen dorp. En dat was dan ook het voornaamste dat we teruggekoppeld kregen: dat het zo leuk is om met andere dorpsbewoners een kopje koffie te drinken, om gebak te eten en om samen te kunnen proosten op de koning. Door de versterkingsoperatie zijn inwoners elkaar soms ook wat uit het oog verloren. Dat maakt deze bijeenkomst zo bijzonder. Een meneer, die in de tachtig is, zei: ‘Wat is dit mooi. Het is net als vroeger.’ Een samenkomst waar alle leeftijden bij aanwezig zijn.”
Het klinkt alsof dit naar meer smaakt voor de toekomst van het dorp…
“Absoluut. Als je vraagt of er volgend jaar weer een Koningsdagviering komt: honderd procent. Dat gaan we doen. En ik ben het ook met je eens dat we het aanbod kunnen uitbreiden. We hebben bijvoorbeeld een dorpsagenda waar al wat activiteiten voor geopperd zijn. Een filmavond bijvoorbeeld. Of wellicht een garagesale die we kunnen organiseren. Dat zie je op meer plekken, dat tijdens zo’n sale mensen spullen verkopen die ze niet meer nodig hebben. Ik denk dat er leuke dingen aankomen.”