Minister Vincent Karremans, de kersverse minister van Infrastructuur en Waterstaat, gaat nog steeds uit van een prijs van 11 miljoen euro voor een tijdelijke brug voor fietsers en voetgangers tijdens de herbouw van de Gerrit Krolbrug. Volgens Guus Vries, voorzitter van de Vereniging Bedrijven Noord-Oost (VBNO), klopt dat niet: een nieuw plan komt uit op 6 miljoen euro.
Begin februari nam de Tweede Kamer met brede steun een motie aan, die de minister verplicht opnieuw naar een tijdelijke brug te kijken. Dat gebeurde na meerdere protestacties en druk vanuit omwonenden en bedrijven in de omgeving. Kort daarna werd ook de laatste hand gelegd aan een nieuw plan voor de tijdelijke overspanning over het Van Starkenborghkanaal, die de beoogde kosten voor Rijkswaterstaat terug zou kunnen brengen van 11 miljoen euro naar zes miljoen euro, het eerder beschikbaar gestelde bedrag vanuit het rijk voor de tijdelijke brug.
‘Rijk rekent miljoenen teveel’
Eerder deze maand lieten Vries en het Platform Gerrit Krolbrug al weten dat het goedkopere plan brede steun vindt onder organisaties als het OV-bureau, de hulpdiensten, taxibedrijven en het Platform Gerrit Krolbrug. Maar volgens de VBNO staat dat nog niet in het dossier dat minister Karremans onder ogen krijgt. Daardoor kan een besluit worden genomen op basis van verkeerde cijfers, schrijft Vries in een brief aan de minister en de Tweede Kamer:
“Het bedrag van 11 miljoen euro is gebaseerd op een plan dat deels gebruik zou maken van de bestaande busbaanverbinding. Er is inmiddels een alternatief plan, waarin fiets- en voetgangersverkeer gebruik gaat maken van een gescheiden verbinding, waardoor er geen belemmeringen ontstaan voor hulpdiensten en openbaar vervoer. Hierdoor worden onder meer vertragingen, schadeclaims, aanvullende verkeersmaatregelen en extra onderhoudskosten vermeden. De kosten van de tijdelijke fiets- en voetgangersbrug in dit alternatieve plan zijn begroot op € 6 mln., oftewel het oorspronkelijke budget.”
‘Bouw gaat zeker drie jaar duren, dus brug is zeker nodig’
Volgens Vries is het ministerie ook nog steeds overtuigd van de mening dat een tijdelijke brug niet nodig is, omdat fietsers maar twee minuten om zouden hoeven te rijden. Volgens overleg met Rijkswaterstaat en de gemeente Groningen speelt er meer.
Zonder tijdelijke verbinding worden bedrijven, scholen en voorzieningen slechter bereikbaar. Dat kan zorgen voor economische schade en problemen voor personeel, dienstverlening en leefbaarheid in het gebied. Ook zou in het dossier bij het ministerie nog worden uitgegaan van een bouwtijd van twee jaar voor de nieuwe Gerrit Krolbrug. Maar dat wordt volgens Vries vrijwel zeker een jaar extra en mogelijk nog langer, zo benadrukt hij richting Karremans:
“Er speelt namelijk veel meer. Tijdens een recent overleg met Rijkswaterstaat en de gemeente Groningen, in aanwezigheid van ondernemers, zorg- en onderwijsinstellingen, is opnieuw bevestigd dat het ontbreken van een tijdelijke verbinding zal leiden tot substantiële maatschappelijke en economische schade binnen het betreffende stadsdeel. De bereikbaarheid van bedrijven, scholen en voorzieningen komt ernstig onder druk te staan, met negatieve effecten op onder andere omzet, personeel, dienstverlening en leefbaarheid.”