Rover over verdwijnen bushaltes: “Het is een voortdurende afweging tussen snelheid en toegankelijkheid”

nieuws
Foto: Rieks Oijnhausen

Het schrappen van bushaltes hoeft niet per se een slechte ontwikkeling te zijn. Dat zegt Menno Visser van reizigersvereniging Rover naar aanleiding van het nieuws dat er in de gemeente Groningen de afgelopen zes jaar 85 bushaltes zijn opgeheven. Volgens Visser is het wel zaak om altijd heel kritisch te kijken naar waar je precies schrapt en welke doelgroep je daarmee raakt.

Menno, wie maakt er in Groningen met name gebruik van de bus?
“De grootste groep in de gemeente bestaat uit studenten die reizen met hun OV-studentenkaart. De groep die daarna volgt, zijn de ouderen. Dat is een groep die minder mobiel is, vaak geen rijbewijs heeft of minder te besteden heeft. Daarna komen de overige inwoners, onder wie specifieke doelgroepen zoals mensen met een lichamelijke beperking.”

Verdwenen bushaltes
Sinds 2020 zijn er in Nederland ruim 1.100 bushaltes verdwenen. Dat blijkt uit een analyse van het ANP. In de provincie Groningen gaat het om 342 haltes, waarvan de meeste in de gemeente Groningen verdwenen: 85. Groningen is daarmee landelijk de gemeente waar de meeste haltes werden opgeheven.

Dat er bushaltes verdwijnen betekent dat reizigers soms verder moeten lopen. Hoe erg is dat?
“Het is maar net aan wie je het vraagt en tot welke doelgroep je behoort. Als je slecht ter been bent, zul je het minder op prijs stellen dan wanneer je als student weinig moeite hebt om een paar honderd meter extra te lopen. Tegelijkertijd is het voor vervoerders een hele ingewikkelde afweging: hoeveel haltes wil je aanhouden? Het is een constante keuze tussen snelheid en gemak. Met minder haltes leggen bussen een route sneller af doordat de chauffeur minder vaak hoeft te stoppen. Maar de consequentie is dat reizigers verder moeten lopen. Je hebt hier dus te maken met groepen die heel verschillende belangen hebben.”

Het opheffen van haltes gebeurt vaak om bussen in een strakkere, rechtere lijn te laten rijden. Is dat een goede ontwikkeling?
“Als Rover komen we op voor de belangen van álle reizigers. Verreweg de meeste buspassagiers reizen over grotere afstanden van A naar B, denk aan een rit van het Hoofdstation naar Zernike. Het strekken van buslijnen raakt deze groep eigenlijk niet, want begin- en eindpunt blijven bestaan. Daarom staan we als Rover in de basis achter die ontwikkeling. Maar we moeten wel oog houden voor mensen die slecht ter been zijn. Je zult per locatie moeten bekijken of het wel verstandig is om een halte weg te halen. Bij een ziekenhuis wil je bijvoorbeeld dat er een halte pal voor de deur ligt, wat gelukkig in de gemeente Groningen zo is. Maar ook in woonwijken moet je heel zorgvuldig kijken naar de effecten en dilemma’s rond loopafstand en snelheid.”

Toch klinkt het verdwijnen van 85 bushaltes in zes jaar tijd als een heel groot aantal…
“Er moet wel een kanttekening worden gemaakt dat je naar het relatieve versus het absolute aantal moet kijken. Ik ontken niet dat deze trend speelt, maar neem bijvoorbeeld de Grote Markt. Nog niet zo lang geleden reden er bussen over het plein. De haltes zijn opgeheven en de bussen rijden nu via de Diepenring. Als Rover zijn we altijd tegen die verplaatsing geweest. Voor een student is het geen probleem om vanaf de Diepenring naar de binnenstad te lopen, maar een oudere reiziger zou gewoon op de Grote Markt moeten kunnen uitstappen.”

Luister hieronder naar Visser die in het radioprogramma ‘Goedemorgen Groningen’ vertelt welke doelgroepen met name gebruik maken van de bus in de gemeente: