Patiënten op de intensive care krijgen bijna altijd bloedverdunners om trombose te voorkomen. Toch verschilt de hoeveelheid die ze krijgen sterk per ziekenhuis en per land. Nieuw onderzoek, onder leiding van artsen van het UMCG, moet gaan uitwijzen wat de beste dosering is.
Tromboseprofylaxe, zoals de behandeling heet, is al decennia standaard op de IC. Het voorkomt dat er stolsels ontstaan in het bloed of longembolieën optreden. Toch komt trombose nog regelmatig voor, ook bij patiënten die preventief behandeld worden. Maar uit een internationale enquête blijkt dat er geen duidelijke richtlijnen zijn voor de optimale dosering van bloedverdunners.In sommige ziekenhuizen krijgt een patiënt een lage dosis, in andere een middelhoge of een dosis die wordt aangepast aan het lichaamsgewicht.
Het UMCG leidt nieuw onderzoek onder duizenden IC-patiënten in Europese ziekenhuizen gedurende drie jaar. Het onderzoek vergelijkt deze drie strategieën. Patiënten krijgen of een lage dosis, een middelhoge dosis, of een gewicht-afhankelijke dosis. Het doel is te zien welke dosering de beste balans biedt tussen effectiviteit en veiligheid. De onderzoekers volgen vervolgens hoe lang patiënten overleven, hoelang ze in het ziekenhuis blijven, hun kwaliteit van leven na opname en hoe vaak tromboses of bloedingen optreden.
Het UMCG leidt het onderzoek onder duizenden IC-patiënten in Europese ziekenhuizen gedurende drie jaar.


