Jenning de Boo heeft zaterdag zilver gewonnen op de 500 meter tijdens de Olympische Spelen in Milaan. De Groningse schaatser reed een fenomenale race, maar zag de Amerikaan Jordan Stolz met een nieuw olympisch record naar het goud snellen. De Canadees Laurent Dubreuil pakte verrassend het brons.
In de dertiende rit stonden de twee grootmachten van dit seizoen direct tegenover elkaar in een Koningsrit: De Boo versus Stolz. De Amerikaan was dit seizoen op de kortste afstand niet onfeilbaar. Bij de laatste World Cup in Inzell werd hij tot twee keer toe verslagen door de Pool Żurek. Maar in Milaan stond er geen maat op hem. De Boo opende sterk in 9,62, maar moest daar al een fractie toegeven op de 9,55 van Stolz.
Op het rechte stuk ontwikkelde De Boo een hogere snelheid dan Stolz: 60,1 kilometer per uur. In de laatste bocht leek de Groninger zelfs even op weg naar een stunt toen hij voor Stolz de bocht uit kwam, maar de Amerikaan wist daarna meer snelheid te ontwikkelen. Stolz finishte in 33,77, De Boo vlak daarachter in een tijd van 33,88.
Spanning
De concurrentie beet zich stuk op de tijden van het duo. De Pool Damian Żurek, die dit seizoen steeds beter ging schaatsen, opende sterk tegen Sebas Diniz. Hoewel Diniz met 9,53 de snelste opening van de twee had, knokte Żurek zich terug naar een tijd van 34,35 (vierde). Diniz eindigde knap als vijfde in 34,46.
Een race waar de ogen ook op gericht waren, was rit 11. De Est Marten Liiv nam het op tegen Yevgeniy Koshkin. Liiv, die in Nederlandse dienst rijdt, is zich dit seizoen flink aan het verbeteren. Bij de laatste World Cup leverde dit hem brons op deze afstand. De 23-jarige Koshkin uit de Kazachse stad Alma-Ata is de man die de snelste opening in de benen heeft. Zijn probleem is echter dat hij dit seizoen met name de tweede bocht niet goed door komt. Ondanks een valse start, noteerde Koshkin 9,39. Liiv noteerde 9,74. Ondanks dat Koshkin dit keer de bochten goed doorkwam, noteerde hij 34,56, dit was de negende tijd. Liiv werd achttiende met 34,83.
Verrassend brons voor Canada
De grote verrassing kwam uit rit tien. Laurent Dubreuil, telg uit een bekende Canadese schaatsfamilie waarbij zijn ouders er voor gezorgd hebben dat er een overdekte schaatsbaan in Québec kwam, schoot uit de startblokken met een opening van 9,49. De 33-jarige Canadees hield zijn slag uitstekend vast en finishte in 34,26. Die tijd bleek aan het einde van de race goed voor de bronzen medaille.
Voor de 22-jarige Jenning de Boo is dit zijn tweede zilveren plak van dit toernooi. Afgelopen woensdag pakte hij ook al zilver op de 1.000 meter, waarbij hij eveneens alleen Jordan Stolz voor zich moest dulden. “Ik dacht heel even, ik heb hem”, vertelt De Boo voor de camera van de NOS. “Mijn trainer zei, als je wat wilt, dan moet je voor hem de laatste bocht uit komen. Dat lukte. Maar uiteindelijk ontwikkelde Stolz op het laatste rechte stuk toch meer snelheid. Chapeau voor hem.”
De Boo is tevreden maar tegelijkertijd knaagt het ook: “Ik was meer tevreden met zilver op de 1.000 meter. Dit was mijn grootste en ook laatste kans om goud te behalen op deze Olympische Spelen. Het toernooi zit er voor mij nu op. Ik ga naar huis met twee keer zilver. Had mijn race beter gekund? Ik heb in de opening misschien wat laten liggen. Maar uiteindelijk ben ik super trots over hoe het is gegaan. Het gevoel dat overheerst is dat ik na Stolz de ‘best of the rest” ben. Ik ga hoe dan ook zeker genieten van mijn medaille.”