Het Openbaar Ministerie wil dat een 26-jarige man uit de gemeente Het Hogeland, die half december werd veroordeeld tot tien jaar onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de verkrachting van een 17-jarige meisje tussen Groningen en Meerstad tijdens de KEI-week van 2023, alsnog tbs krijgt. Daarom gaat de openbaar aanklager in hoger beroep in de zaak.
Dat meldt het Dagblad van het Noorden maandagochtend. Het Openbaar Ministerie vroeg begin december acht jaar cel en tbs op te leggen, omdat het OM bang is dat de man na zijn straf opnieuw de fout ingaat. Maar de rechtbank kwam tot een andere straf, omdat bij de man geen psychische stoornis kon worden vastgesteld. Hij weigerde mee te werken aan onderzoek door gedragsdeskundigen, onder meer in het Pieter Baan Centrum. De rechter hield daar bij de strafmaat wel rekening mee en legde daarom een hogere gevangenisstraf op dan het OM had geëist.
Het OM wil nu dat de veroordeelde Hogelandster toch tbs krijgt, omdat er sprake is van een hoog recidiverisico. Volgens het OM is dat, in combinatie met duidelijke aanwijzingen voor een persoonlijkheidsstoornis in het dossier rond de zaak, voldoende grond om aan de man tbs op te leggen.
De verkrachting bij Meerstad vond plaats in de nacht van 17 op 18 augustus 2023. Het 17-jarige slachtoffer fietste toen terug naar huis na een avond stappen tijdens de KEI-week. Op het fietspad aan de Driebondsweg werd het meisje van haar fiets getrokken. De man gooide haar daarna op de grond, sloeg haar, pakte haar bij de polsen en dwong haar in zijn auto te stappen. Daar kneep de man de keel van het meisje dicht en dwong haar geblinddoekt tot het verrichten van seksuele handelingen. Na een DNA-match verklaarde de 26-jarige man dat hij het meisje alleen wilde beroven.
Over een tweede verkrachting in Assen, een maand eerder, is de verdachte zich van geen kwaad bewust. De man zou, na een Tinderdate, een vrouw hebben verkracht op een parkeerplaats in de Drentse hoofdstad. Maar ook voor deze verkrachting zag de rechtbank in december genoeg bewijs. Daarnaast veroordeelde de rechtbank hem voor online ontucht met meerdere minderjarige meisjes. De verdachte gebruikte het platform Omegle om via videochats contact te leggen met minderjarige meisjes. Hij liet hen opdrachten uitvoeren die een seksueel karakter hadden. Deze beelden sloeg hij op zijn laptop op.